1 / 26

Wat gaat de burger merken ?

Wat gaat de burger merken ?. Jan Nieuwenhuis Voorzitter WMO – Adviesraad Oegstgeest. Drie blokken:. WMO 2007 – 2011: de eerste ronde Wat kunnen we van deze periode leren 2011 – 2015: wat gaat de burger merken ?. WMO 2007 – 2011: de eerste ronde:.

keiki
Download Presentation

Wat gaat de burger merken ?

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. Wat gaat de burger merken ? Jan Nieuwenhuis Voorzitter WMO – Adviesraad Oegstgeest

  2. Drie blokken: • WMO 2007 – 2011: de eerste ronde • Wat kunnen we van deze periode leren • 2011 – 2015: wat gaat de burger merken ?

  3. WMO 2007 – 2011: de eerste ronde: • Nieuw paradigma: van verstrekkingen naar compensatie • Huishoudelijke hulp, vervoer, woningaanpassingen • Eerst collectief, dan individueel • Voldoende financiële middelen, ook nog in 2011 • Voldoende uitvoerders, gemeentelijk en organisaties

  4. Kortom: • Nieuwe taken, extra middelen, vooral operationele opgave • Aanloopproblemen zijn het hoofd geboden • Op naar integrale aanpak, naar participatie en compensatie

  5. Wat kunnen we van deze periode leren ?

  6. Kern van het rapport is van belang voor burgers: • Effectiviteit en efficiency vereisen nog veel aandacht • Effecten niet op hoogste niveau vast te stellen • Efficiency niet cijfermatig onderzocht • Zij worden belangrijker bij minder budget, bij lastige keuzes

  7. Betrouwbare cijfers zijn essentieel

  8. WMO-loket: • Taak: informatie, advies en cliënten ondersteunen • Taak: integraal aanpakken, niet doorverwijzen • Praktijk: niet altijd alert op andere vragen, niet op WSW, WWB • Praktijk: vaak doorverwijzen naar andere aanspreekpunten, andere organisaties • Leer van verschillen: telefonisch, huisbezoek, bellen bij klacht, bellen na levering voorziening

  9. Mantelzorgers: • Gemeente verantwoordelijk voor ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers • Basisfuncties mantelzorg: advies en begeleiding, educatie, informatie, emotionele steun • Basisfuncties vrijwilligers: verbinden, makelen en versterken • Enkele acties: vacaturebank, sociale activering langdurig werklozen, dagje uit • Convenant afstemming vrijwillige en professionele respijtzorg: nog geen inzicht • Weinig harde info over tevredenheid mantelzorgers en effecten van hun inzet.

  10. Aanbestedingen: • Dynamisch selectiemodel: voorkeur en antivoorkeur van de cliënt, levertijd, klantervaringsonderzoek, korting op maximumprijs: wachtlijsten weggewerkt • Lange wachtlijsten, kwalitatief goede aanbieders buiten de aanbesteding en daarom overstap op • Zeeuwse model: iedereen die aan kwaliteitseisen voldoet en onder de maximale prijs wil leveren • In rapport geen onderzoek naar gevolgen voor kosten en tevredenheid bij gebruikers

  11. Meten van kwaliteit: • Klanttevredenheid ruime 7: is minimum voor gratis (overheids)diensten • Aantal klachten bij loket, gemeente en aanbieders niet of nauwelijks bekend • Wie vult formuleren in; kunnen cliënten vergelijken ? • Invloed van de eigen bijdrage op de klanttevredenheid is niet onderzocht • Aandacht voor ontwikkeling van een betere kwaliteitsmethodiek nodig

  12. Burgerbetrokkenheid: • Artikel 12 WMO: over voorgenomen beleid advies vragen aan gezamenlijke vertegenwoordigers van representatieve organisaties aan de vraagkant van de WMO • Gemeenten hebben gekozen door invulling met een WMO – (Advies) raad • WMO-adviesraad kan gevraagd en ongevraagd adviseren • Rapport onderzoekt nauwelijks effectiviteit en vertegenwoordigend karakter

  13. 2011 – 2015: Wat gaat de burger merken ?

  14. Essentie: integrale aanpak, participatie en compensatie • Integraal (art 3 WMO): integrale, overkoepelende WMO-nota; geen bouwwerk van losse elementen als ouderen, jongeren, sport, gezondheidszorg, vrijwilligers • Beleidsplan (art 3 WMO) met doelstellingen, acties, gewenste resultaten, kleine doelgroepen, keuzevrijheid burger

  15. Vergroot samenhang en inzicht in WMO-budget: • Compleet inzicht in WMO-gelden en daarmee integrale afweging ontbreken • Gemeenteraad en burger ontberen daardoor het volledig financieel en inhoudelijk inzicht • Zeker bij verminderend budget en noodzaak van keuzes is dat niet verantwoord • Stel een financieel WMO-totaalkader op dat aansluit op een integrale WMO-beleidsnota • Maak zo voor burgers, gemeenteraad, bestuurders en ambtenaren keuzes inzichtelijk

  16. Versterk de regisserende sturingsfilosofie van de gemeente: • Sturend: inhoudelijke visie, wil expliciet resultaat bereiken • Regisserend: globale doelstellingen, samenhang bewaken, synergie uitvoering stimuleren, burgerbetrokkenheid faciliteren, uitvoering aan organisaties • Faciliterend: bottom up, burgers en organisaties bepalen agenda, prioriteiten binnen de financiële kaders Behouden regisserende rol ligt voor de hand: toevoegen controle en kwaliteitsbewaking

  17. Maak meer werk van minder ingevulde prestatievelden: • Jeugd en jongeren, participatie en gezondheidsbeleid • Maatschappelijke opvang, verslaving, in samenwerking met centrumgemeente • Vergt grotere betrokkenheid en afstemming met burgers dan meer 'technische' prestatievelden

  18. Vergroot preventie om curatie te kunnen beperken: • Preventie kan beroep op voorzieningen uitstellen of verkleinen • Bijvoorbeeld: doorvragen aan het Wmo-loket naar andere benodigde ondersteuning • Bijvoorbeeld: doelgroep opzoeken, met huisbezoek, via huisarts, door communicatie • Maar kosten voor de gemeentes, besparingen ook elders (AWBZ, zorgverzekeraars)

  19. Van confectievoorziening naar compensatie op maat: • Bij voldoende budget is confectie-aanpak mogelijk en gebruikelijk • Bij tekort is maatwerk en compensatie vereist • Dit gaat ook sterker invloed hebben op een eigenbijdragebeleid • Dit vereist veel meer communicatie en uitleg • Dit vergt intensievere behandeling van aanvragen • Dit resulteert in meer klachten en bezwaren

  20. Zelf actief, mantelzorg of professionele steun: • Stimuleren zelfredzaamheid is de te prefereren optie • In schakelen mantelzorgers is vaak goede aanvulling • Professionele hulp mogelijk minder vanzelfsprekend • En mogelijk sterker te koppelen aan financiële zelfredzaamheid

  21. Zorg voor optimale feedback en daarmee betrokkenheid van de burger: • Laat kwaliteitsmeting niet aan uitvoerende organisaties over • Minder schriftelijk, meer bellen, vaker huisbezoek, rapporteer over klachten en afwijzingen • Neem periodiek contact op na de verstrekking, rapporteer daarover en leer ervan

  22. Tot slot:

  23. Verder overhevelen rijkstaken en budgetreductie in het verschiet: • Dan integraal inhoudelijk, financieel en daarmee inzichtelijk WMO-kader nodig • Dan keuzes (op accenten) tussen prestatievelden aan de orde • Dan keuzes in balans tussen zelfredzaamheid, mantelzorg en professionele hulp • Dan mogelijk andere keuzes nodig op terrein van de eigen bijdrage • Dan onderbouwde keuzes of fine tuning nodig tussen en binnen aanbestedingsmodellen

  24. Betrekken van de burgers belangrijker bij noodzaak tot keuzes: • De wettelijke plicht (art 12 WMO) hen om advies te vragen • Communicatie en uitleg van de keuzes maakt acceptatie bij de burger groter • Bij concrete aanvragen voorkomen bellen en huisbezoek klachten en bezwaar • Vraag begrip bij het brede publiek voor deze mede-mens, start een 'Charme offensief’

  25. Kennis delen, samenwerken en checks and balances: • Rekenkamerrapport prima instrument om kennis te delen en ons scherp te houden • Aanbestedingen ikv Holland Rijnland en kennisuitwisseling WMO-Raden Leidse Regio zeker ook • Echter: op provinciaal niveau lijkt overlap en intransparantie toe te nemen • Echter: kwaliteit en efficiency uitvoeringsintermediairs kan groter als gemeenten hier op inzetten • Echter: beleidscyclus vergt veel van ambtelijk apparaat: overweeg ook hier samenwerking • Echter: voor veel raadsleden nieuwe en omvangrijke materie: hoe komen zij 'in control' ?

  26. Kortom, hoe gaat de gemeente haar regisserende rol beter waarmaken: globale doelstellingen, sluitende beleidscyclus, samenhang bewaken, synergie uitvoering stimuleren, burgerbetrokkenheid faciliteren, uitvoering aan organisaties maar zelf aan het stuur bij controle en kwaliteitsbewaking

More Related