les 1 n.
Download
Skip this Video
Download Presentation
LES 1

Loading in 2 Seconds...

play fullscreen
1 / 96

LES 1 - PowerPoint PPT Presentation


  • 146 Views
  • Uploaded on

LES 1. Algemene inleiding, juridische begrippen, wetgeving en rechterlijke macht. Huishoudelijke mededelingen. (door docent in te vullen). Wijze van studeren. boek bevat veel details boek is van 2009, dus actueel hoofdzaken van bijzaken leren onderscheiden regelmatig studeren.

loader
I am the owner, or an agent authorized to act on behalf of the owner, of the copyrighted work described.
capcha
Download Presentation

PowerPoint Slideshow about 'LES 1' - adora


Download Now An Image/Link below is provided (as is) to download presentation

Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author.While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server.


- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - E N D - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Presentation Transcript
les 1
LES 1

Algemene inleiding,

juridische begrippen, wetgeving en

rechterlijke macht

huishoudelijke mededelingen
Huishoudelijke mededelingen
  • (door docent in te vullen)
wijze van studeren
Wijze van studeren
  • boek bevat veel details
  • boek is van 2009, dus actueel
  • hoofdzaken van bijzaken leren onderscheiden
  • regelmatig studeren
colleges en examen
Colleges en examen
  • acht colleges
  • schriftelijk examen van 2½ uur
  • mengeling van weetjesvragen en casusposities
  • laatste halfuur van college: casuspositie(s)
indeling van het nederlands recht
Indeling van het Nederlands recht
  • privaatrecht
  • publiekrecht (staats-, bestuurs- en strafrecht)
de vier rechtsbronnen
De vier rechtsbronnen
  • wet
  • verdrag
  • jurisprudentie
  • gewoonte
de wetgevers in nederland
De wetgevers in Nederland

Centraal

1 nationale wetgever (de formele wetgever)

2 regering

Decentraal

1 provinciale staten

2 gemeenteraad

onderscheidingen binnen het recht
Onderscheidingen binnen het recht

objectief recht = geheel van rechtsregels

1 privaatrecht en publiekrecht

2 materieel en formeel recht

3 dwingend en aanvullend recht

subjectief recht = bevoegdheid die de

burger heeft op grond van objectief recht

procesrecht
Procesrecht

beginselen procesrecht:

  • hoor en wederhoor
  • openbaarheid procedure
  • onpartijdigheid en onafhankelijkheid rechter
  • motivering beslissing
  • partijautonomie
  • onderzoek in twee instanties
  • toezicht door cassatie
  • verplichte vertegenwoordiging
  • afhandeling binnen redelijke termijn
  • misbruik procesrecht/goede procesorde
  • rechtspraak niet gratis
bevoegdheid burgerlijke rechter
Bevoegdheid burgerlijke rechter
  • rechtsmacht
  • absolute competentie
  • sectorcompetentie
  • relatieve competentie
de procedure
De procedure
  • dagvaarding
  • verstek en verschijning
  • conclusies en pleidooi
  • bewijs
  • vonnis
  • bijzondere procedures: verzoekschriftprocedure, kort geding, arbitrage en bindend advies
executie en beslagrecht
Executie- en beslagrecht
  • reële executie
  • beslag: executoriaal en conservatoir
  • indirecte dwangmiddelen: lijfsdwang en dwangsom
les 2
LES 2

Verbintenissen en overeenkomsten

slide14

Definitie verbinteniseen verbintenis is een vermogensrechtelijke rechtsbetrekking tussen twee (of meer) personen, waarbij de een verplicht is tot een bepaalde prestatie tegenover de ander die tot de prestatie gerechtigd is

Ontstaansbronnen verbintenis

1 de wet zelf

2 bronnen waarnaar de wet verwijst

3 het stelsel van de wet

redelijkheid en billijkheid
Redelijkheid en billijkheid
  • aanvullende werking
  • beperkende werking
natuurlijke verbintenis
Natuurlijke verbintenis
  • wet of rechtshandeling onthoudt afdwingbaarheid
  • dringende morele verplichting

Rechtsgevolgen natuurlijkeverbintenis

  • voldoening niet zonder rechtsgrond
  • voldoening is niet schenking of gift
rechtshandeling
Rechtshandeling

rechtshandeling = de handeling die erop gericht is

een bepaald rechtsgevolg in het leven te roepen

vereisten rechtshandeling:

  • handelingsbekwaamheid
  • handelingsbevoegdheid

handelingsbekwaamheid = de geschiktheid van

een persoon om voor zichzelf rechtshandelingen

tot stand te brengen; handelingsonbekwaam zijn

minderjarigen en ondercuratelegestelden

handelingsbevoegdheid = de geschiktheid van een

persoon om een bepaalde rechtshandeling te

verrichten

gebrek rechtshandeling
Gebrek rechtshandeling
  • nietig
  • vernietigbaar
  • niettemin geldig
oorzaken nietige rechtshandelingen
Oorzaken nietige rechtshandelingen

1 gebrek wil en/of verklaring

2 strijd met openbare orde en met

de wet

3 de handelingsonbevoegdheid van een persoon

oorzaken vernietigbare rechtshandelingen
Oorzaken vernietigbare rechtshandelingen

1 onbekwaamheid

2 geestelijke stoornis

3 wilsgebreken

overeenkomst
Overeenkomst

overeenkomst = meerzijdige rechtshandeling,

waarbij een of meer partijen jegens een of

meer anderen een verbintenis aangaan

voorbeelden: koop en huur

verschillende overeenkomsten:

1 wederkerige en eenzijdige overeenkomsten

2 benoemde en onbenoemde overeenkomsten

totstandkoming overeenkomsten
Totstandkoming overeenkomsten

1 aanbod en aanvaarding

2 bepaalbaarheid van de

verbintenissen

3 vernietigbaarheid in geval van

dwaling

4 vernietigbaarheid in geval van

algemene voorwaarden

aanbod en aanvaarding
Aanbod en aanvaarding
  • rechtskarakter van aanbod
  • rechtskarakter van aanvaarding
dwaling en diversen
Dwaling en Diversen

Dwaling

  • causaal verband
  • betrokkenheid wederpartij
  • uitzonderingen die niet tot vernietiging leiden

Diversen

  • algemene voorwaarden
  • uitleg en rechtsgevolgen van overeenkomsten
  • Haviltex-criterium
les 3
LES 3

Personenrecht

persoon drager van rechten en verplichtingen
Persoon = drager van rechten en verplichtingen
  • natuurlijke personen
  • rechtspersonen
naamrecht
Naamrecht
  • uitgangspunt: keuze bij de geboorteaangifte
  • geen keuze: kind krijgt naam vader, behalve wanneer kind alleen in familierechtelijke relatie tot moeder staat
burgerlijke stand
Burgerlijke stand

Akten van de burgerlijke stand

  • geboorteakte
  • huwelijksakte
  • de akte van registratie van partnerschap
  • akte van overlijden

Registers van de burgerlijke stand

  • geboorte
  • huwelijken
  • geregistreerde partnerschappen
  • overlijden
afstammingsrecht
Afstammingsrecht
  • kind staat altijd in familierechtelijke betrekking tot

zijn moeder

  • juridische vader van kind is de man:

1 die op tijdstip van geboorte gehuwd was

met moeder van kind

2 die het kind heeft erkend

3 wiens vaderschap gerechtelijk is vastgesteld

4 die het kind heeft geadopteerd

  • bij overlijden man vóór geboorte kind:

man is vader indien geboorte binnen 306 dagen

na overlijden, tenzij ontkenning door moeder

  • Ontkenning van het vaderschap
erkenning gerechtelijke vaststelling vaderschap
Erkenning + gerechtelijke vaststelling vaderschap
  • erkenning is rechtshandeling (geen bewijsmiddel)
  • geen terugwerkende kracht
  • door erkenning ontstaat familierechtelijke betrekking tussen kind en erkennende man
  • gerechtelijke vaststelling van vaderschap
adoptie
Adoptie
  • bestaat sinds 1956
  • belangrijke wijziging per 1 april 1998:

• éénouderadoptie is mogelijk

• adoptie door ongehuwden is mogelijk

  • voor adoptie rechterlijke uitspraak nodig
  • voorwaarden ter zake van hoedanigheid adoptanten, het te adopteren kind en ouders die in familierechtelijke betrekking staan tot het kind
  • voor adoptie buitenlandse kinderen gelden bijzondere voorwaarden
minderjarigheid
Minderjarigheid
  • minderjarig = jonger dan 18 jaar en

niet gehuwd of gehuwd geweest

  • handelingsonbekwaamheid
  • minderjarige handelingsonbekwaam, tenzij toestemming wettelijke vertegenwoordiger
  • handlichting: minderjarige krijgt verdergaande bevoegdheden
  • meerderjaigverklaring
  • meerderjarig worden door huwelijk
gezag over minderjarigen
Gezag over minderjarigen
  • ouderlijk gezag binnen situatie

huwelijk/geregistreerd partnerschap

  • twee aspecten:

1 toezicht over persoon van minderjarige

2 bewind over vermogen van minderjarige

  • gezamenlijk gezag:

- huwelijk + geregistreerd partnerschap

- een ouder met niet-gehuwde of niet-geregis-

treerde partner met rechterlijke beslissing

  • eenhoofdig gezag (rechtswege/rechterlijke beslissing)
voogdij
Voogdij
  • voogdij: gezag door anderen dan juridische ouders
  • twee aspecten

1 toezicht over persoon van minderjarige

2 bewind over vermogen minderjarige

  • ontstaan voogdij

1 testamentaire voogdij

2 door de rechter opgedragen voogdij

curatele
Curatele
  • geldt voor meerderjarigen
  • gronden

1 geestelijke stoornis

2 verkwisting

3 gewoonte van drankmisbruik

  • bevoegdheden curator
  • publiciteit
onderbewindstelling
Onderbewindstelling
  • voor meerderjarige die zijn belangen niet behoorlijk kan behartigen wegens een lichamelijk gebrek
  • belangrijkste verschillen met curatele:

1 curatele geestelijke stoornis, onderbewindstelling

lichamelijke stoornis

2 onderbewindstelling wordt in beginsel niet gepubliceerd

  • mentorschap

voor meerderjarige die als gevolg van een geestelijke of lichamelijke toestand tijdelijk of duurzaam niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen van niet

vermogensrechtelijke aard zelf behoorlijk waar te nemen

les 4
LES 4

Huwelijksvermogensrecht

hoe geregeld
Hoe geregeld?
  • huwelijk: bij wet geregeld
  • geregistreerd partnerschap:

bij wet geregeld

  • samenleven (“hokken”): vormloos
totstandkoming huwelijk
Totstandkominghuwelijk
  • monogamie
  • leeftijd
  • toestemming
  • overige beletselen
geregistreerd partnerschap
Geregistreerd partnerschap
  • nagenoeg dezelfde eisen als huwelijk bij aangaan geregistreerd partnerschap
  • totstandkoming: opmaken van akte door ambtenaar burgerlijke stand
  • gevolgen: dezelfde als bij huwelijk
  • een uitzondering: er vloeien geen betrekkingen voort met kinderen
  • beëindiging: dood, vermissing, wederzijds goedvinden en ontbinding door rechter
  • flitsscheiding
huwelijksvermogensrecht
Huwelijksvermogensrecht
  • aansprakelijkheid: alleen handelende echtgenoot is aansprakelijk, tenzij bij verbintenissen “gewone gang van de huishouding”
  • voor sommige transacties toestemming andere echtgenoot nodig
  • geen toestemming betekent vernietigbaarheid van de rechtshandeling
  • bij vernietigbaarheid wel aan termijn gebonden en onder omstandigheden derdenbescherming
algehele gemeenschap van goederen
Algehele gemeenschap van goederen
  • wetsvoorstel 28867 nog steeds in TK (ligt stil)
  • uitgangspunt: één vermogen
  • alle goederen die echtgenoten hadden worden gemeenschappelijk (ook de schulden)
  • uitzondering: goederen verkregen door uitsluitingsclausule en verknochte goederen
algehele gemeenschap van goederen1
Algehele gemeenschap van goederen
  • door wettelijke gemeenschap van goederen wordt verhaalsobject van schuldeisers groter
  • geen verhaal mogelijk op privé-objecten
  • bestuur: beide echtgenoten zijn rechthebbende, maar als regel heeft slechts een van hen het bestuur over een bepaald goed
ontbinding gemeenschap
Ontbinding gemeenschap
  • einde huwelijk
  • scheiding van tafel en bed
  • opheffing gemeenschap door beschikking
  • opheffing gemeenschap door latere huwelijkse voorwaarden
huwelijkse voorwaarden
Huwelijkse voorwaarden
  • vóór het huwelijk
  • staande het huwelijk wel goedkeuring nodig van Rechtbank (ter bescherming van schuldeisers)
  • koude uitsluiting
  • periodiek of finaal verrekenbeding
echtscheiding
Echtscheiding
  • 1/3 van de huwelijken eindigt in echtscheiding
  • reden: duurzame ontwrichting van het huwelijk
  • totstandkoming echtscheiding: inschrijving van echtscheidingsbeschikking (moet wel binnen zes maanden nadat echtscheidingsbeschikking kracht van gewijsde heeft gekregen)
alimentatie en echtscheiding
Alimentatie en echtscheiding
  • limitering alimentatie: maximaal twaalf jaar
  • bij huwelijk korter dan vijf jaar en zonder kinderen: alimentatieplicht maximaal de duur van het huwelijk
  • beëindiging alimentatie: huwelijk, geregistreerd partnerschap en samenwonen
  • na verbreking ongehuwd samenwonen: geen alimentatierecht, tenzij overeengekomen
scheiding van tafel en bed
Scheiding van tafel en bed
  • huwelijk blijft in stand
  • scheiding wordt ingeschreven in het huwelijksgoederenregister
  • scheiding eindigt door verzoening
  • echtscheiding kan alsnog na scheiding van tafel en bed, maar pas na drie jaar
les 5
LES 5

Samenwerkingsvormen en

rechtspersonen

ondernemingsvormen
Ondernemingsvormen
  • eenmanszaak
  • personenvennootschappen: vennootschap, commanditaire vennootschap
  • rechtspersonen: naamloze vennootschap, besloten vennootschap, stichting, vereniging, coöperatie, onderlinge waarborgmaatschappij en Europese vennootschap
personen vennootschappen
Personen-vennootschappen

• kernbegrippen vennootschap: overeenkomst, voordeel, inbreng,

gemeenschap

  • bestuur en vertegenwoordiging
  • aansprakelijkheid
ontbinding personen vennootschappen
Ontbinding personen-vennootschappen
  • verstrijken van de tijd waarvoor de vennootschap is aangegaan
  • overeenkomst tussen vennoten
  • uittreding van vennoten waardoor niet ten minste twee vennoten overblijven
  • door de rechter om de gevallen die de wet bepaalt
openbare en stille vennootschap
Openbare en stille vennootschap
  • stille vennootschap
  • openbare vennootschap: wilsovereenstemming, overeenkomst, rechtspersoonlijkheid en notariële akte
  • rechtspersoonlijkheid en hoofdelijke verbondenheid
commanditaire vennootschap
Commanditaire vennootschap
  • bijzondere vereisten voor een CV
  • afgescheiden vermogen
  • bijzondere positie van de commanditaire vennoot: naam vennoot en naam CV, werkzaamheden van de vennoot ten behoeve van de CV
rechtspersonen
Rechtspersonen
  • wat zijn rechtspersonen?
  • functioneren rechtspersonen
  • besluiten
  • doel en doeloverschrijding
  • jaarrekeningenrecht en boekhoudplicht
  • omzetting van rechtspersonen
  • juridische fusie en splitsing/enquête
vereniging
Vereniging
  • vereniging kan beperkte rechtsbevoegdheid hebben
  • bijzondere vormen van vereniging: coöperatie en onderlinge waarborgmaatschappij

Stichting

  • geen leden
  • enige orgaan is bestuur
naamloze en besloten vennootschap
Naamloze en besloten vennootschap
  • NV/BV zijn kapitaalvennootschappen
  • aandeelhouders niet persoonlijk aansprakelijk
  • verschillen NV en BV

1 BV kent alleen aandelen op naam (geen uitgegeven deelnamebewijzen)

2 aandelen BV beperkt overdraagbaar

kapitaal
Kapitaal
  • maatschappelijk kapitaal
  • geplaatst kapitaal
  • gestort kapitaal
overdracht van aandelen
Overdracht van aandelen

NV

  • toonderaandeel : bezitsverschaffing
  • aandeel op naam: notariële akte van levering plus betekening aan/erkenning door NV

BV

  • Notariële akte van levering plus betekening aan/erkenning door BV
  • BV moet wel een blokkeringsregeling hebben

• goedkeuringsregeling

• aanbiedingsregeling

• combinatie van beide

organen van nv bv
Organen van NV/BV
  • algemene vergadering
  • bestuur
  • toezicht op bestuur
  • raad van commissarissen
les 6
LES 6

Goederenrecht, pand en

hypotheek

vereisten geldige overdracht
Vereisten geldige overdracht

1 levering

2 geldige titel

3 beschikkingsbevoegdheid

levering
Levering
  • levering van onroerende zaken: notariële akte + inschrijving openbare registers
  • levering van roerende zaken: bezitsverschaffing door cp-levering, brevi-manulevering en longa-manulevering
  • levering van vorderingen op naam: akte + mededeling aan schuldenaar (bij ‘stille cessie’: geen mededeling)
derdenbescherming
Derdenbescherming

vier categorieën:

1 bij verkrijging registergoederen

2 bij verkrijging roerende zaken

3 bij verkrijging vorderingen op naam

4 bij andere omstandigheden

eigendom
Eigendom
  • beperking aan eigendom
  • kwalitatieve rechten
  • kwalitatieve verplichtingen
uitoefening verhaalsrechten
Uitoefening verhaalsrechten
  • executoriaal beslag
  • faillissement
  • voorrang bij verhaal
  • wettelijke schuldsanering
pand en hypotheekrecht
Pand- en hypotheekrecht

pandgever = degene die pandrecht op zijn

goed verleent = geldnemer (tenzij goed

wordt verpand ten behoeve van een ander)

pandhouder = degene die pandrecht

verkrijgt op het goed van een ander =

geldgever

hypotheekgever en hypotheekhouder:

mutatis mutandis

slide68
Pand

• kenmerken

1 absoluut karakter

2 droit de suite

3 prioriteitsregel

slide69
Pand
  • vereisten: geldige titel, beschikkingsbevoegdheid en vestiging
  • bevoegdheden pandhouder

1 recht van parate executie

2 separatist

3 voorrang bij verhaal

slide70
Pand

verplichtingen pandhouder:

  • als goed pandhouder voor de zaak zorgdragen
  • pandhouder moet surplus uitkeren
  • bij tenietgaan moet pandgever feitelijke macht over zaak herkrijgen
hypotheek
Hypotheek
  • vereisten: geldige titel, beschikkingsbevoegdheid en vestiging
  • bevoegdheden hypotheekhouder:

1 recht van parate executie

2 separatist

3 voorrang bij verhaal

4 speciale bedingen in hypotheekakte (niet verplicht)

functies hypotheek
Functies hypotheek

belangrijkste voordeel: schuldenaar kan in

huis blijven wonen, terwijl hypotheekhouder

aan het registergoed een onderpand met een

vrij hoge waarde heeft

speciale functies bij:

  • bouwhypotheek
  • krediethypotheek
  • bankhypotheek
les 7
LES 7

Aansprakelijkheidsrecht en

faillissementsrecht

vijf vereisten onrechtmatige daad
Vijf vereisten onrechtmatige daad

1 onrechtmatigheid (inbreuk op recht, doen of nalaten in strijd met wettelijke

plicht en/of onzorgvuldigheid)

2 toerekenbaarheid

3 schade

4 causaal verband

5 relativiteit

v ereisten onrechtmatige daad
Vereisten onrechtmatige daad

toerekenbaarheid:

a schuld

b oorzaak die krachtens wet voor zijn rekening komt

c oorzaak die krachtens verkeersopvattingen voor zijn rekening komt

kwalitatieve aansprakelijkheden
Kwalitatieve aansprakelijkheden

1 aansprakelijkheid van ouders voor kinderen:

a kinderen < 14 jaar

b kinderen 14 of 15 jaar

c kinderen 16 jaar of ouder

2 aansprakelijkheid voor ondergeschikten

3 aansprakelijkheid voor niet-ondergeschikten

4 aansprakelijkheid voor opstallen

5 aansprakelijkheid voor roerende zaken

6 aansprakelijkheid voor dieren

verhaalsmogelijkheden bij betalingsproblemen
Verhaalsmogelijkheden bij betalingsproblemen
  • beslag
  • faillissement
  • surseance van betaling
  • wettelijke schuldsanering bij natuurlijke personen
faillissement
Faillissement
  • een algemeen beslag
  • op het gehele vermogen van een schuldenaar
  • ten behoeve van zijn gezamen-

lijke schuldeisers

gevolgen faillissement
Gevolgen faillissement
  • schuldenaar verliest beheer en beschikking over vermogen
  • failliet blijft handelingsbekwaam, alleen t.a.v. zijn vermogen handelingsonbevoegd
  • curator beschikt namens failliet
afhandeling faillissement
Afhandeling faillissement
  • opheffing wegens gebrek aan baten
  • de vereenvoudigde afwikkeling
  • faillissementsakkoord
  • beëindiging na slotuitdelingslijst
surseance van betaling
Surseance van betaling
  • algemeen uitstel van betaling van concurrente schulden
  • gevolgen surseance

• schuldenaar verliest vrij beheer en vrije beschikking over vermogen

• schuldenaar is voor handelingen

aangewezen op toestemming

bewindvoerder

schuldsanering natuurlijke personen
Schuldsanering natuurlijke personen
  • sinds 1 december 1998
  • vereisten

• natuurlijke persoon is opgehouden te betalen

• er is redelijkerwijze te voorzien dat

hij niet zal kunnen voortgaan met

betalen

  • wetswijziging aanstaande (nog in TK; mrt 2007)
wat is schuldsanering
Wat is schuldsanering?
  • een mogelijkheid voor natuurlijke personen (ook die ondernemer zijn)
  • om na een periode van in beginsel drie jaar
  • schuldenvrij te worden
einde schuldsanering
Einde schuldsanering
  • vorderingen zijn voldaan en schuldenaar kan betalingen hervatten
  • schuldenaar houdt zich niet aan het plan
  • schuldenaar creëert bovenmatige schulden
  • schuldenaar benadeelt schuldeisers
  • schuldenaar (rechtswege) failliet
les 8
LES 8

Vruchtgebruik en erfrecht

vruchtgebruik
Vruchtgebruik
  • bevoegdheid om goed van een ander te gebruiken en de vruchten daarvan te genieten
  • totstandkoming: vestiging, geldige titel en beschikkingsbevoegdheid
  • relevant bij testamenten
  • einde bij dood vruchtgebruiker, rechtspersoon na dertig jaar, bloot eigendom gaat teniet, verloop van overeengekomen termijn of door afstand
erfrecht
Erfrecht

1 erven krachtens de wet (wettelijk erfrecht

of versterferfrecht)

2 erven krachtens testament

verkrijgers bij een nalatenschap: erfgenaam,

legataris, legitimaris en lastbevoordeelde

nalatenschap = geheel van bezittingen en

schulden van de overleden persoon (=erflater)

erfgenamen volgens de wet
Erfgenamen volgens de wet

vier groepen, waarbij de volgende groep pas aan bod

komt als in de eerdere groep geen erfgenamen zijn

a de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot (gelijkgesteld met een geregistreerde partner) van de erflater, tezamen met de kinderen van de erflater

b de ouders van de erflater, tezamen met de broers en zusters van de erflater

c de grootouders van de erflater

d de overgrootouders van de erflater

let op! plaatsvervulling bij kind, broer, zuster en

(over)grootouder

plaatsvervulling
Plaatsvervulling
  • alleen aan de orde als er geen testament is gemaakt
  • plaatsvervulling geschiedt met betrekking tot personen die op het ogenblik van openvallen nalatenschap

a niet meer bestaan

b onwaardig zijn

c onterfd zijn

d verwerpen

e wier erfrecht is vervallen

langstlevende echtgenoot
Langstlevende echtgenoot
  • valt in eerste groep erfgenamen
  • erft in beginsel evenveel als kinderen
  • geen kinderen, dan erft echtgenoot alles
  • echtgenoot kan worden onterfd (heeft geen legitieme portie), maar hij kan wel aanspraak maken op vruchtgebruik van woning en inboedel (eventueel ook van andere goederen, indien nodig voor verzorging)
wettelijke verdeling
Wettelijke verdeling
  • nalatenschap wordt van rechtswege verdeeld
  • alle goederen nalatenschap worden verkregen door langstlevende echtgenoot onder verplichting alle schulden voor zijn rekening te nemen
  • langstlevende zou alles kunnen opmaken, maar ingrijpen is mogelijk bij verkwisting
  • kinderen krijgen als erfgenaam onderbedelingsvordering ter grootte van erfdeel
  • beperkte opeisbaarheid vordering
  • enkelvoudige rente (= wettelijke rente (bij 6% of hoger)

– 6%)

  • ongedaanmaking door langstlevende echtgenoot binnen drie maanden na overlijden
wilsrecht
Wilsrecht
  • gevolg van stieffamiliegevaar
  • aanspraak op goederen in volle of blote eigendom
  • zolang stiefouder leeft, kan worden volstaan met vruchtgebruik
  • na overlijden stiefouder kunnen kinderen volledige eigendom opvorderen
testament
Testament
  • notarieel testament
  • depot-testament
  • Centraal Testamenten Register
  • verstandelijke vermogens hebben voor maken testament
  • testateur minimaal zestien jaar oud
  • niet onder curatele
legitieme portie
Legitieme portie
  • testeervrijheid
  • kinderen kunnen worden onterfd, maar hebben recht op een geldvordering ten bedrage van de helft van de waarde van hun normale erfdeel
  • speciale positie stiefkinderen
  • berekeningsgrondslag legitieme portie: nalatenschap + bepaalde giften door de erflater gedaan
  • inroepen legitieme portie kan tot ‘inkorting’ leiden
openvallen nalatenschap
Openvallen nalatenschap
  • aanvaarden
  • verwerpen
  • benificiair aanvaarden
ongehuwd samenwonenden
Ongehuwd samenwonenden
  • geen speciale regeling in BW
  • maken testament daarom aanbevolen
  • met legitieme portie kan wel rekening worden gehouden
  • langstlevende `veilig’ bij notarieel samenlevingscontract of gemeenschappelijke huishouding