1 / 14

Taal in kaart

Taal in kaart. Vormen en Betekenissen. Opmerkelijk. Soms gebruiken talen ergens één woordvoor, waar wij twee woorden gebruiken: Frans ‘weten/kunnen’ savoir nager kunnen zwemmen ‘kunnen zwemmen’ savoir un nom kennen een naam ‘een naam kennen’. Opmerkelijk.

quang
Download Presentation

Taal in kaart

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. Taal in kaart Vormen en Betekenissen

  2. Opmerkelijk Soms gebruiken talen ergens één woordvoor, waar wij twee woorden gebruiken: Frans ‘weten/kunnen’ savoir nager kunnen zwemmen ‘kunnen zwemmen’ savoir un nom kennen een naam ‘een naam kennen’

  3. Opmerkelijk Soms gebruiken talen twee verschillende vormen waar wij er één gebruiken:Turks moeten Herkes bu filmi gör-meli Iedereen deze film zien-moet ‘Iedereen moet deze film zien’ Pilleri değiştirme-n gerek Batterijen verwisselen-jouw nodig ‘Je moet de batterijen verwisselen’

  4. Vorm en betekenis Mijn onderzoeks project gaat over de relatie tussen vorm en betekenis. Interessant is het als een vorm meerdere dingen uitdrukt of als twee verschillende vormen dezelfde betekenis uitdrukken.

  5. Vershillen in talen Je kunt van verschillende talen onderzoeken hoe zij een bepaalde betekenis(groep) uitdrukken. Aan de hand daarvan kun je een zogenaamde semantische kaart opmaken

  6. Semantic map Functie 1 Functie 2 Functie 4 Functie 3 =Vorm taal 1 =Vorm taal 2 =Vorm taal 3 Komt niet voor

  7. Semantic map Als meerdere talen twee verschillende betekenissen met dezelfde vorm uitdrukken, is dat een teken dat deze concepten voor mensen aan elkaar verwant zijn

  8. Maps and mind Haspelmath (2003): “Since multifunctionality of grammatical morphemes presumably occurs only when the different functions are similar, semantic maps provide objective evidence for which meanings or functions are percieved as similar by speakers” Croft (2001): “[semantic maps represent] the geography of the mind, which can be read in the facts of the world’s languages in a way that the most advanced brain-scanning techniques can never offer us”

  9. Semantic map Simple example semantic map (Hjelmslev, 1963) tree wood (stuff) firewood small forest large forest German -------- -------------------------------- -----------------------------------BaumHolzWald Danish ------------------------------------------- ------------------------------------traeskov French ------- ----------------------------------------------------- ----------------- arbre bois forêt Spanish -------- ------------------ --------------- ---------------- -----------------árbol madera leña bosque selva Dutch -------- ----------------------------------- ----------------- ----------------boom hout bos woud

  10. Semantic map à Franse datief Externe bezitter(ze wast hem de voeten) Bezitter als predicaat (dit boek is van Jan) to van Hem richting ontvanger Judiciantis(Dat is me wat) begunstigde naar Aanme (datief) voor Me (datief) voor doel ervaarder om Typische datieve functies (Haspelmath 2003) Engelse to Franse à Franse datiefRichting: he walks to school Bezitter: che chien est à moi Externe bezitter: on lui a cassé la jambeOntvanger: he gives it to her Onvanger: elle a donné.. à moiBegunstigde: Je lui a trouvé un emploiErvaarder: this seems weird to me Ervaarder: ca parait étrange à Paul Ervaarder:Ca me parait étrange Doel: Idid it to win Richting: je viens à Ibiza Ontvanger: elle m’a donné un livre

  11. modaliteit • Modaliteit (ANS)= de in de zin uitgedrukte visie van de spreker of schrijver op de verhouding tussen de in de zin weergegeven situatie en de werkelijkheid en/of zijn attitude met betrekking tot die situatie. • Verhouding tussen spreker en mededeling • Verhouding tussen beschrijving en werkelijkheid Het zou Gerard Joling kunnen zijn Dat is Gerard Joling Dat is zeker weten Gerard Joling Als het maar niet Gerard Joling is Het is Gerard Joling!!!!!!

  12. Modaliteit Drie gebieden die de status van informatie betreffen Epistemische modaliteit: Geeft aan hoe zeker je bent over de waarheid van de uitspraak. Vrijwel elke taal heeft vormen om zekerheid en waarschijnlijkheid uit te drukken (moeten, kunnen, waarschijnlijk etc.). Evidentialiteit: Geeft aan hoe je aan je informatie komt. Sommige talen hebben een rijk systeem van middelen om dit uit te drukken (gehoord, zelf waargenomen, via via). Discourse elementen: Markeert hoe de uiting in het groter geheel past. Nederlands is heel rijk aan discourse markers: wel, maar, toch, hoor etc.

  13. Modaliteit Discourse elemententen: Ik heb het wél gedaan (tegenstelling tot eerdere informatie) Ik ben ziek, toch gaat Henk naar school (contrast) Evidentialiteit: Henk zou er om 10 uur zijn (van horen zeggen) Volgens Jan komt Henk niet (van horen zeggen) Henk schijnt niet te komen (van horen zeggen) Epistemische modaliteit: Henk zal nu wel thuis zijn (uiting van waarschijnlijkheid) Hé, Henk is er wél/toch (In tegenstelling tot wat ik dacht) Volgens mij komt Henk niet (uiting van waarschijnlijkheid) De bus schijnt elke 10 minuten te rijden (durf er m’n hand niet voor in het vuur te steken)

  14. Semantic map Einde

More Related