1 / 31

Seksuele selectie

Seksuele selectie. Ongeslachtelijke voortplanting. 1 ouder a-seksueel Ontstaan genetisch identieke nakomelingen aan ouder (DNA)  Klonen Voorbeelden: Bacteriedeling Knollen en uitlopers bij planten (ook stekken) Enkele insecten (wandelende tak, bladluis)

iorwen
Download Presentation

Seksuele selectie

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. Seksuele selectie

  2. Ongeslachtelijke voortplanting • 1 ouder • a-seksueel • Ontstaan genetisch identieke nakomelingen aan ouder (DNA)  Klonen • Voorbeelden: • Bacteriedeling • Knollen en uitlopers bij planten (ook stekken) • Enkele insecten (wandelende tak, bladluis) • Ook o.a. enkele salamanders, hagedissen, slangen • Meeste soorten kunnen ook gewoon geslachtelijk voortplanten

  3. Voordelen 1 ouder nodig Als eigenschap gunstig is alle nakomelingen deze Nadelen Alle nakomelingen zelfde eigenschap  kans op uitsterven indien nadelig Ongeslachtelijke voortplanting

  4. Geslachtelijke voortplanting • = Seksuele voortplanting • Nakomeling krijgt helft genetisch materiaal van beide ouders (zaadcellen en eicellen)  recombinatie • Nakomelingen uniek • Niet altijd fysiek contact man en vrouw (bijv. vissen, planten)

  5. Voordeel Ontstaan nieuwe genetische combinaties  soms gunstig Nadeel Ontstaan nieuwe genetische combinaties  ongunstig (ziekte of slechte aanpassing) 2 ouders nodig Geslachtelijke voortplanting Ongeslachtelijk Geslachtelijk X

  6. Natuurlijke selectie • Charles Darwin (evolutietheorie) • Demonstratie • Nieuwe allelen-combinatie biedt voor en nadelen bij het overleven in een omgeving. Is deze eigenschap gunstig  uitbreiden onder soort • Best aangepaste organisme produceren meeste nakomelingen = natuurlijke selectie

  7. Natuurlijke selectie Twee bijzondere vormen van “natuurlijke selectie” Doorgeven van genen lukt alleen als je succesvol paart: 1 Spermacompetitie Sperma 3 dagen in leven  concurentie tussen sperma van meerdere mannetjes • Hoeveelheid sperma (grote teelballen bij polygame dieren) • Kwaliteit sperma (1% seeker, 16% blocker, 83% killer) 2 Seksuele selectie

  8. Seksuele selectie • Het veroveren van een partner: seksuele selectie, is voorbeeld van natuurlijke selectie • Man: Wil zoveel mogelijk genen doorgeven • Vrouw: Wil beste genen ontvangen Waarom verschil? Verkeerde partnerkeuze heeft negatievere invloed op fitness van vrouwtje dan op fitness van mannetje (bijv.dracht bij zoogdieren) In de periode voor de paring leidt dit tot: > Imponeergedrag mannetjes (uiterlijk en gedrag) > Competitie tussen mannetjes onderling Eieren zijn duur om te maken, Sperma is spotgoedkoop!

  9. Strijd om de beste genen… Herten proberen met hun grote gewei het vrouwtje te imponeren. Dit kan leiden tot een echte strijd tussen twee mannetjes Groot gewei staat symbool voor ‘betere’ genen

  10. Strijd om de beste genen… De fregatvogel lokt een wijfje met een combinatie van vorm en kleur. Met zijn zwarte verenkleed valt hij niet zo op. Maar hij heeft een keelzak die hij tijdens de paartijd kan opblazen tot een grote rode ballon. De rode kleur is voor een wijfje belangrijk: fregatvogelmannetjes met een minder fel gekleurde keelzak zijn meestal in een minder goede conditie, kunnen last hebben van parasieten. Een wijfje zal daarom bij voorkeur kiezen voor een felrode ballonman!

  11. Strijd om de beste genen… Kleur zegt soms dus veel: Merel en stekelbaars Oranje kleur  door cartenoiden  belangrijk voor immuunsysteem  wordt aan snavel ontrokken bij infecties Kleur is dus symbool fitness van man Roodmus Rodere borst  teken van goed voedsel  dus symbool voor territorium van de man

  12. Strijd om de beste genen… Om indruk te maken op een wijfje pronkt een mannetjespauw uitbundig met zijn lange, kleurrijke staart Groter aantal vlekken = grotere kans op paring

  13. Strijd om de beste genen… Hoe langer hoe succesvoller in voortplanting? Bij de Cyrtodiopsis whitei en de paradijsvogel wel Nadeel: Fysieke beperkingen Seksuele selectie bij paradijsvogels op DVD Earth: 29:20 – 32:30

  14. Strijd om de beste genen… De liervogel, het ultieme voorbeeld van een partner veroveren met zang…

  15. Strijd om de beste genen… Waarom zijn dieren met fellere kleuren, grotere ornamenten etc meer succesvol in voortplanting? Elk dier heeft een beperkt energiebudget Hoe gezonder een dier of hoe beter het dier is aangepast, hoe meer energie een dier overhoudt voor het ontwikkelen van deze ornamenten. Deze ornamenten vragen een grote energieinvestering van een dier. Een zwakker dier zal zijn energie alleen kunnen besteden aan primaire overlevingstaken Dus deze mooie ornamenten staan symbool voor een goed genenpakket  goed genenpakket levert beter nageslacht

  16. Strijd om de beste genen… Sommige dieren vertonen alleen in de paartijd bepaalde kleurvlekken op hun lichaam. De mandril is zo'n dier. Normaal heeft het gezicht van een mannetjesmandril lichtblauwe en rozige tinten, maar tijdens de paartijd veranderen deze kleuren onder invloed van hormonen in felrood en felblauw. Zo heeft zijn gezicht dezelfde kleuren als zijn geslachtsorganen, wat extra prikkelend voor een wijfje is.

  17. Strijd om de beste genen… Een prieelvogelmannetje heeft geen indrukwekkende versieringen aan zijn lijf die hij mee moet slepen. Om een wijfje te verleiden heeft hij een andere methode: Hij bouwt een opvallende baltsplaats waar hij voor gaat staan zingen en dansen.

  18. Strijd om de beste genen… Omdat de vlinder 's nachts actief is, kan een deze mot geen mooie kleuren gebruiken, zoals de dagvlinders, om een wijfje te verleiden. Daarom lokt een mannetje een wijfje door feromonen uit te scheiden. Dat zijn geurstoffen die specifiek bij de partnerkeuze betrokken zijn.

  19. Strijd om de beste genen… In de paringsperiode maakt het sprinkhaanmannetje hoge, tsjirpende geluiden door met zijn poten tegen zijn vleugels te wrijven. Zo verspreidt hij een min of meer regelmatige melodie. Wanneer de liefdeszang binnen het gehoorbereik van een naburig wijfje valt, beantwoordt ze hem door op een vrouwelijke manier terug te roepen: met een zachter en lieflijker getsjirp. Het sprinkhaanmannetje past hierop zijn melodie aan: zo ontstaat een vraag-en-antwoord spel

  20. Strijd om de beste genen… Bij de zeeolifant doen de mannetjes een echt concurrentiespel. Hier kunnen zelfs slachtoffers bij vallen. De winnaar paart met alle vrouwtjes

  21. Seksuele selectie bij mensen? Jazeker! Supranormale prikkels:

  22. Seksuele selectie bij mensen? Symmetrie

  23. Symmetrie

  24. Symmetrie Brad Pitt Rechts gespiegeld Links gespiegeld

  25. Symmetrie Madonna Rechts gespiegeld Links gespiegeld

  26. Symmetrie Dhr.Smeenk Rechts gespiegeld Links gespiegeld

  27. Symmetrie Experiment met babies Foto met symmetrisch gezicht tonen  babies lachten naar verhouding vaker Foto met asymetrisch gezicht tonen  babies huilden naar verhouding vaker

  28. Seksuele selectie bij mensen?

  29. Seksuele selectie bij mensen? Experimenten met gedragen mannenondergoed: Wat vindt de vrouw het lekkerst ruiken? Conclusie: Personen die het sterkst afwijken qua MHC-complex worden als de aantrekkelijkste geur aangemerkt Verklaring: MHC-complex is betrokken bij afweersysteem. Partner met groot verschil wat betreft deze genen geeft grotere kans op nakomelingen met een sterk afweersysteem Bacterien op huid hebben grote rol in bepaling van je geur

  30. Seksuele relaties Polygaam • 1 man, meerdere vrouwen • Veel zoogdieren (leeuw, chimpansee) • Man vaak groter dan vrouw (imponeren) Promiscue • “Iedereen met iedereen” • Bijv. bonobo’s: alle conflicten afgehandeld met seksueel contact. Monogaam • Veel vogels (1 broedseizoen), mens, gibbon Verder • Homoseksualitiet o.a. bij bonobo’s, vogels, vissen, reptielen, inktvissen • Soloseks

  31. Aparte vormen van voortplanting Honingbij • Onbevruchte eicel  wordt dar • Bevruchte eicel  wordt werkster Hermafrodiet • 2-slachtig • Wormen, sponzen, slakken • Plantenwereld heel normaal (stamper/meeldraad)

More Related