1 / 41

Module ribCO2 4z Draagconstructie in Staal, Hout en Beton Week 05

Module ribCO2 4z Draagconstructie in Staal, Hout en Beton Week 05. Studiejaar 2006 - 2007 Studiepunten 3 ECTS Bouwkunde / Civiele techniek 5e semester deeltijd. Knik. Knik. Knik. Knik. Knik. Knik. Kip. Kip. Kip. Kip. Kip. Kip. Druk / knik. Dimensioneren drukstaven

Download Presentation

Module ribCO2 4z Draagconstructie in Staal, Hout en Beton Week 05

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. Module ribCO2 4z Draagconstructie in Staal, Hout en Beton Week 05 Studiejaar 2006 - 2007 Studiepunten 3 ECTS Bouwkunde / Civiele techniek 5e semester deeltijd

  2. Knik

  3. Knik

  4. Knik

  5. Knik

  6. Knik

  7. Knik

  8. Kip

  9. Kip

  10. Kip

  11. Kip

  12. Kip

  13. Kip

  14. Druk / knik • Dimensioneren drukstaven • Drukstaven worden in constructies vaak toegepast als kolommen voor het afvoeren van verticale belastingen naar de fundering. • In een vakwerk bestaan de wandliggers uit drukstaven. • Hoe stijver het materiaal van de drukstaaf is, des te minder snel treedt knik op. • Aansluiting van de staafeinden • De vormverandering en de bezwijkbelasting van een gedrukte staaf veranderen wanneer bijv. een scharnieroplegging wordt vervangen door een inklemming. • De invloed van de aansluiting of oplegging kan in rekening worden gebracht door de werkelijke staaflengte L met een bepaalde factor te vermenigvuldigen. • De lengte die hieruit volgt heet de kniklengte (Lbuc)

  15. Druk / knik

  16. Druk / knik • Slankheid van de staaf • Hoe langer en smaller de staaf is, des te eerder treedt knik op. • Deze invloed wordt uitgedrukt in slankheid: De verhouding tussen de kniklengte en de dwarsdoorsnede (Lbuc/d) • Doorsnedevorm • Knik treedt minder snel op door een gunstige doorsnedevorm te kiezen. • Hierbij wordt het materiaal in de dwarsdoorsnede zo ver mogelijk naar buiten gebracht. Op die plaats werkt het materiaal het meest effectief tegen uitbuigen.

  17. Druk / knik • Dimensioneren drukstaven • Bij het dimensioneren van een drukstaaf moet er op worden gelet dat de staaf voldoende sterk is en dat de staaf niet knikt. • Dat betekent dat voor het dimensioneren van de drukstaaf niet zonder meer de normaalkracht met de formule A ≥ Ns/fy;d mag worden toegepast. Deze houdt immers geen rekening met knik. • Om voldoende knikreserve te hebben rekent men met een gereduceerde vloeispanning. • De gereduceerde vloeispanning is dan gelijk aan: 0,75fy;d • Bij drukstaven met een korte lengte houdt men 0,9fy;d aan • Bij drukstaven met een lange lengte houdt men 0,5fy;d aan

  18. Drukstaven

  19. Drukstaven

  20. Drukstaven Bepaal de afmetingen van het profiel

  21. Verbanden, portalen en schijven • Verbanden • Verbanden worden ook wel geschoorde raamwerken genoemd. • Constructief gezien gedragen verbanden zich als vakwerken. • Het verband bestaat dan uit scharnierend aan elkaar verbonden staven die aaneensluitend driehoeken vormen. • De staven worden uitsluitend belast op trek en druk. • Verbanden kunnen ook horizontaal worden toegepast, bijv. in het dak van een hal tussen twee portalen.

  22. Verbanden, portalen en schijven

  23. Verbanden, portalen en schijven • Portalen • Portalen worden ook wel ongeschoorde raamwerken genoemd. • Portalen bestaan uit kolommen en liggers die momentvast aan elkaar verbonden zijn. • Er treden normaalkrachten, dwarskrachten en momenten in op. • Voor een portaal is meer materiaal nodig dan voor een verband. • Portalen worden alleen toegepast wanneer verbanden het gebruik van het gebouw hinderen, zoals bij gevelopeningen.

  24. Verbanden, portalen en schijven

  25. Verbanden, portalen en schijven • Schijven • Constructief gezien zijn schijven dichte, vlakke constructiedelen die in hun vlak worden belast. • Schijven zijn te beschouwen als vakwerken met uitgesmeerde diagonalen. • In staalconstructies worden schijven uitsluitend toegepast wanneer een constructiedeel niet uitsluitend een dragende functie heeft , maar ook bijv. een scheidende functie.

  26. Verbanden, portalen en schijven

  27. Verbanden, portalen en schijven

  28. Verbanden, portalen en schijven

  29. Verbanden, portalen en schijven • Ruimtevakwerken • Is een constructie waarin de belastingen in twee verschillende richtingen wordt afgevoerd. • Zij is samengesteld uit driehoeken dit opgebouwd zijn uit trek- en drukstaven. • Ruimtevakwerken zijn geschikt voor het overspannen van een plattegrond die min of meer vierkant is. • De langste zijde mag niet meer dan 40% langer zijn dan de kortste zijde.

  30. Verbanden, portalen en schijven • Voorbeelden ruimtevakwerken : • Cilinderschalen • Hypparschalen • Gespaakte wielen

  31. Verbanden, portalen en schijven

  32. Verbanden, portalen en schijven

  33. Stabiliteit hallen Rekenvoorbeeld

  34. Stabiliteit hallen Stabiliteit dwarsrichting Resulterende windkrachten

  35. Stabiliteit hallen Stabiliteit in langsrichting

  36. Knik op drukbelaste houten kolom

  37. Knik op drukbelaste houten kolom

  38. Knik op drukbelaste houten kolom

  39. Knik op drukbelaste houten kolom Vuistregels afmetingen houten kolommen

  40. Knik op drukbelaste houten kolom

  41. EINDE Docent: M.J.Roos

More Related