1 / 25

INDISCH – NEDERLANDS

INDISCH – NEDERLANDS. OVERZICHT. Indische – Nederlanders positie Nederlands voorgeschiedenis en ontwikkeling kenmerken Indisch- Nederlands Petjoh Indi ë is niet meer. Indische – Nederlanders. Indische ‘ totoks ’ Indische meisjes/jongens Indo – Europeanen ( Indo’s)

quinto
Download Presentation

INDISCH – NEDERLANDS

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. INDISCH – NEDERLANDS

  2. OVERZICHT • Indische – Nederlanders • positie Nederlands • voorgeschiedenis en ontwikkeling • kenmerken Indisch- Nederlands • Petjoh • Indië is niet meer

  3. Indische – Nederlanders • Indische ‘ totoks ’ • Indische meisjes/jongens • Indo – Europeanen ( Indo’s) • Kenmerk : wortels in Indië en hun Nederlands beïnvloed door de • inheemse talen van Indonesie, vooral door het Maleis

  4. Positie Nederlands • Nederlands geen wereldtaal: a. lingua franca’s Portugees en Maleis b. winst belangrijker dan verspreiden cultuur • Portugees met maleise elementen • einde 16e eeuw lingua franca archipel • voertaal Bataviase gezinnen • in kerk naast Nederlands en Maleis • Na 1750 Maleis meer aanzien • Maleis dialectisch rijk geschakeerde moedertaal bewoners rond straat Malakka • voor 1600 al lingua franca in archipel • Contacttaal Portugezen en Nederlanders • basis latere Bahasa Indonesia

  5. Voorgeschiedenis • 1595 Cornelis Houtman >Sumatra,Java,Molukken • 1602 VOC • 1611 Handelspost Jakarta ( fort Jacatra ) • 1618 Jan Pieterszoon Coen sticht Batavia • 1629 fundament handelsimperium. VOC monopolie op handelsverkeer; Batavia administratief centrum en stapelmarkt

  6. 17e eeuw • serieuze pogingen bevordering van het Nederlands ; privileges • in opdracht Staten – Generaal oprichting enkele scholen • Batavia: voertaal Nederlands ; Molukken: Maleis • 5000 Nederlanders in dienst VOC, merendeel in Batavia • ambtenaren met beperkt dienstverband • afgezwaaide soldaten en handelaren blijven, trouwen inheemse vrouwen

  7. 18e eeuw • meeste scholen op de Molukken • voertaal Maleis > Maleise bijbelvertaling Leydekker • Batavia: scholen voornamelijk voor kinderen VOC ambtenaren • op school: Nederlands ; thuis: Portugees of Maleis

  8. 19e eeuw • na Franse revolutie veranderen opvattingen over onderwijs en opvoeding: onderwijs voor iedereen • gebrek aan geld en goed gekwalificeerd personeel: alleen scholen voor Europeanen • binnen kazerne : Tangsi-Maleis • kazerne omstandigheden > groeiende kloof binnen Indische samenleving • toename aantal blijvers en trekkers. Vanaf jaren ’70 komen vrouwen mee • Inlanders van adel op beperkte schaal naar school • geen verbetering van het Nederlands; bezorgdheid (Huet)

  9. 20e eeuw • blijvers bepalen niet meer aanzien koloniale maatschappij • veranderingen door: 1.economische vooruitgang 2.stroom nieuwe migranten 3.gewijzigde opvattingen over de koloniale samenleving • harmoniegedachte verstoord • Maleis steeds belangrijker • 1942 Japanse bezetting: Nederlands verboden • 1945 Hatta en Soekarno : Indonesie onafhankelijk • ruim 200.000 Nederlanders,waaronder Indische – Nederlanders vertrekken. Honderdduizenden met een goede beheersing van de Nederlandse taal blijven

  10. Kenmerken Indisch- Nederlands • 1. Uitspraak • 2. Grammatica • 3. Klemtoon en Zinsmelodie • 4. Woordenschat

  11. 1. Uitspraak • Medeklinkers d,b>dd,bb r>rollende r v,z>f,s g>als in het engels k>op einde woord of lettergreep vaak zwak t>vaak aan het einde van een woord weglaten: mond>mon w>dik aangezet (eng. when ,why) ● klinkers ui>eu ei/ij>eu/e : uit>eut, ijs>es ● uitspraak is formeel: klameniebuhdonduhruh > ik-laat-me-niet-bedonderen voornaamwoorden worden meestal nadrukkelijk gearticuleerd: we>wij, ze>zij d’r> haar wederkerend werkwoord: je vergist je > jij fergist jou

  12. 2. Grammatica • zelfstandig naamwoord kan van geslacht veranderen; het-woorden worden de-woorden:de varken, de kantor • verbuiging bijvoeglijk naamwoord samen met het gebruik lidwoord een: een mooie boek • verleden tijd regelmatig vervangen door voltooid tegenwoordige tijd en zelfs door tegenwoordige tijd: gisteren hebben wij die jongen nog gezien toen wij naar school gaan • gebruik deelwoord geworden in lijdende zinnen: ik ben geslagen geworden • regelmatig weglaten koppelwerkwoord: die jongen pienter, seg • voornaamwoord het wordt vaak weggelaten: trek jou niet aan, seg • het en er zijn samen weggelaten: ik heb niet voor over • wederkerend werkwoord vaak zonder wederkerend voornaamwoord:zij vergissen vaak, ik scheer altijd • voornaamwoorden die naar vrouwen verwijzen worden vervangen door voornaamwoorden die nietnaar vrouwen verwijzen: mijn sus, hij so pienter, want sijn rapport so mooi • omkering onderwerp en het verbogen werkwoord vaak niet: straks hij gaat naar de pasar. Jij lust geen doerian? • vaak zelfstandig naamwoord voorop, pauze en dan herhalend voornaamwoord: mijn sus, hij so pienter • achtervoegsel isatie wordt Indisch- Nederlands isasi: komputerisasi

  13. 3. Klemtoon en Zinsmelodie • Klemtoon van een woord minder belangrijk dan in het Nederlands • Wanneer toch klemtoon, dan op de laatste lettergreep in een woord bestaande uit twee lettergrepen, vooral wanneer de voorlaatste lettergreep een stomme e is: besár, telór • Met stopwoorden als toch en ja wordt een uitroepende en vragende zinsmelodie versterkt; vervelend toch en jij gaat weg, ja? • In bovenstaande gevallen gaat de toon wat omhoog en wordt het laatste woord langer aangehouden

  14. 4. Woordenschat • Woorden van Maleise oorsprong en soms Javaanse oorsprong • Woorden, uitdrukkingen van Nederlandse oorsprong maar die alleen in het Indisch- Nederlands voorkomen • Nederlandse woorden en uitdrukkingen die in het Indisch- Nederlands iets anders betekenen • Ongeveer 5000 Nederlandse leenwoorden

  15. Woorden van Maleise oorsprong en soms Javaanse oorsprong • Soesa • Pidjetten/ pidjitten • Gladak • Klapper • Goena- goena • Tjitjak • Mata gelap • Obat • Barang- bagage • Baboe- huisbediende • Kaki- voet, poot, been (kaki telandjang) • Pedis- scherp gekruid

  16. Woorden, uitdrukkingen van Nederlandse oorsprong maar die alleen in het Indisch- Nederlands voorkomen • leestrommel • bultzak • naar boven gaan • een muskietenvestje aantrekken

  17. Nederlandse woorden en uitdrukkingen die in het Indisch-Nederlands iets anders betekenen • handschoentje • stroop • platje • erf • boei • vendutie • onderneming • dood neervallen

  18. Ongeveer 5000 Nederlandse leenwoorden • 20% alledaagse leven, 30% wetenschap en techniek, 40% openbare leven • dah-dag! • kulkas-koelkast • iritasi-irritatie • apotik-apotheek • sosiolog-socioloog • amtenar-ambtenaar • oposisi-oppositie • kasasi-cassatie • haatzaai-nu: wetsartikel • kasbuk-kasboek

  19. Petjoh/Petjok • Petjoh is een echte pidgin, een soort Maleis- Nederlands. Ontstaan in de kazernes en gebruikt: • A. door Indische militairen met een verschillende moedertaal • B. als omgangstaal tussen blanke ‘meerderen’ en inheemse ‘minderen’. • C. tussen Europeanen en hun inheemse vrouwen • D. door kinderen (ook blanken) op straat en schoolplein • E. onderkant van de Indo- Europese samenleving in de kampong • Grammatica simpel Maleis • Symbooltaal

  20. Indië is niet meer… • R.Cress: 1942 feitelijke eind Indische samenleving • Na 1945 en opeenvolgende jaren: vertrek ongeveer 300.000 Indische Nederlanders • De specifieke omstandigheden van de samenleving van voor 1945 zijn niet meer aanwezig waardoor het Indisch- Nederlands verdwijnt.

  21. literatuur • Richard Cress (1998). Petjoh. Woorden en wetenswaardigheden uit het Indische verleden. Amsterdam: Prometheus. • Jan W. de Vries (2005). Indisch- Nederlands. In: Nicoline van der Sijs (red.,2005) Wereldnederlands. Oude en jonge variëteiten van het Nederlands pp.59-79. Den Haag: Sdu Uitgevers. • Jan de Vries, Roland Willemijns & Peter Burger (2003). Het verhaal van een taal. Amsterdam: Prometheus. • Joop van den Berg (1991). Soebatten, sarongs en sinjo’s. Indische woorden in het Nederlands. • ‘s Gravenhage: Bzztôh.

More Related