inleiding tot successierecht en successieplanning l.
Download
Skip this Video
Loading SlideShow in 5 Seconds..
Inleiding tot successierecht en successieplanning PowerPoint Presentation
Download Presentation
Inleiding tot successierecht en successieplanning

Loading in 2 Seconds...

play fullscreen
1 / 80

Inleiding tot successierecht en successieplanning - PowerPoint PPT Presentation


  • 972 Views
  • Uploaded on

Inleiding tot successierecht en successieplanning. I.A.B., 15 oktober 2011. Deel I. Successierecht. Zeven vragen Is de overledene al dan niet een rijksinwoner? Waar heeft hij zijn fiscale woonplaats en waar dient hij de aangifte in? Wie moet de aangifte indienen?

loader
I am the owner, or an agent authorized to act on behalf of the owner, of the copyrighted work described.
capcha
Download Presentation

PowerPoint Slideshow about 'Inleiding tot successierecht en successieplanning' - niveditha


An Image/Link below is provided (as is) to download presentation

Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author.While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server.


- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - E N D - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Presentation Transcript
deel i successierecht
Deel I. Successierecht
  • Zeven vragen
    • Is de overledene al dan niet een rijksinwoner?
    • Waar heeft hij zijn fiscale woonplaats en waar dient hij de aangifte in?
    • Wie moet de aangifte indienen?
    • Wat is de termijn voor indiening?
    • Wie moet de successierechten betalen?
    • Wat is de termijn voor betaling?
    • Wat is de belastbare grondslag van elke erfgenaam/legataris?

J. Ruysseveldt

1 is de overledene al dan niet rijksinwoner
1. Is de overledene al dan niet rijksinwoner?
  • Rijksinwoner (art. 1 W. Succ.) = persoon die, op het ogenblik van zijn overlijden, binnen het Rijk (België) zijn domicilieof zetel van zijn vermogenheeft gevestigd  
  • A) het recht van successie
    • bij de rijksinwoner
    • berekend over zijn netto wereldvermogen
      • al zijn goederen (zowel roerend als onroerend), waar die zich ook bevinden, min zijn schulden op datum van overlijden art. 1,1° W.Succ.
  • B) het recht van overgang bij overlijden
    • bij de niet- rijksinwoner
    • berekend op het bruto Belgisch onroerend vermogen
      • enkel onroerende goederen, in België gelegen, zonder aftrek van de schulden art. 1, 2° W.Succ.
      • Correctie via Europees Hof van Justitie – 11 september 2008
      • Zaak Eckelkamp : art. 1, 2° en 18 W.Succ. Is in strijd met art. 56 EG – verdrag

J. Ruysseveldt

2 waar heeft hij zijn fiscale woonplaats en waar dient hij de aangifte in te dienen
2. Waar heeft hij zijn fiscale woonplaats en waar dient hij de aangifte in te dienen?
  • Rijksinwoner
    • Fiscale woonplaats van de overledene
      • Indien overledene tijdens de periode van 5 jaar vóór zijn overlijden op meer dan één plaats in België zijn fiscale woonplaats had, dan zal de belasting worden toegewezen aan het Gewest waar zijn fiscale woonplaats tijdens de voormelde periode het langst gevestigd was (gewijzigd art. 38, 1°, lid 1 W.Succ.).
  • Niet- rijksinwoner
    • Aangifte ingediend in het registratiekantoor in welks ambtsgebied de in België gelegen onroerende goederen gelegen zijn (art. 38, 2°, lid 1 W.Succ.).
    • Door wetswijziging zal voor de onroerende goederen, die in verschillende Gewesten gelegen zijn, de aangifte worden ingediend op het kantoor in welks ambtsgebied het deel van de goederen gelegen is met het « hoogste federaal kadastraal inkomen ».

J. Ruysseveldt

3 wie moet de aangifte indienen
3. Wie moet de aangifte indienen?
  • Rijksinwoner
    • Beginsel:
      • erfgenamen, algemene legatarissen en begiftigden (art. 38, 1°, lid 1 W.Succ.)
      • dus niet: de legatarissen ten algemene titel en bijzondere legatarissen
        • Soms wel, nl. bij stilzitten van de eerste categorie
  • Niet- rijksinwoner
    • beginsel
      • erfgenamen, legatarissen of begiftigden van de in België gelegen onroerende goederen (art. 38, 2° W.Succ.)
  • Aangifte hoeft niet gezamenlijk te worden ingediend
    • kan ook individueel

J. Ruysseveldt

4 wat is de termijn voor indiening
4. Wat is de termijn voor indiening?
  • Afhankelijk van de plaats van overlijden
    • art. 40, lid 1 W.Succ.
      • 5 maand indien het overlijden plaats vond in België
      • 6 maand indien het overlijden plaats vond in een ander Europees land dan België
      • 7 maand indien het overlijden plaatsvond in een land buiten Europa
  • Verlenging termijn mogelijk
    • art. 41, lid 1 W.Succ.
    • onder de volgende voorwaarden:
      • beslissing door directeur-generaal der registratie en domeinen
      • vooraleer de oorspronkelijke termijn of de reeds voordien verlengde termijn verstreken is.

J. Ruysseveldt

5 wie betaalt de successierechten
5. Wie betaalt de successierechten?
  • Wie heeft betalingsplicht?
  • Regel 1
    • Iedereerfgenaam, legataris of begiftigde, voor de rechten en interesten en elk op zijn deel in de nalatenschap (art. 70, lid 1 W. Succ.)
    • Ook: de legataris onder bijzondere of algemene titel
  • Regel 2
    • Daarenboven solidaire aansprakelijkheid voor de erfgenamen en algemene legatarissen
      • ook al ontvangen zij ‘in feite’ niets, voor het totaal bedrag aan SR en interesten

J. Ruysseveldt

6 wat is de betalingstermijn
6. Wat is de betalingstermijn?
  • De betalingstermijn bedraagt 2 maanden na het verstrijken van de indieningtermijn
    • art. 77 W. Succ.
  • Elke latere betaling geeft van rechtswege aanleiding tot de wettelijke interest (7%)
    • art. 81 W. Succ.
    • afhankelijk van de plaats van overlijden (soms 8 of 9 maanden)

J. Ruysseveldt

7 wat is de belastbare grondslag van elke erfgenaam legataris
7. Wat is de belastbare grondslag van elke erfgenaam/legataris?
  • Belastbaar actief in functie van de waarde van de goederen (verkoopwaarde)
  • Toevoeging belastbare grondslag
    • Niet geregistreerde schenkingen waarvan de schenker binnen de 3 jaar na datum schenking overlijdt (art. 7 W.Succ.).
    • Schenkingen onderworpen aan de regel van progressievoorbehoud (art. 66bis W.Succ.)
      • Toevoeging aan belastbare basis van schenkingen waarop schenkingsrecht werd geheven
      • Bedoelde schenkingen: schenkingen van minder dan 3 jaar voor overlijden en die vóór overlijden werden geregistreerd
      • Er is geen progressievoorbehoud voor:
        • Schenkingen bouwgronden (art. 140nonies, sub a) W.Reg.)
        • Schenkingen roerende goederen aan 3 of 7% (art. 131, §2 W.Reg.)
        • Schenkingen familiale ondernemingen en aandelen aan 2% (art. 140bis W.Reg.)

J. Ruysseveldt

deel ii successieplanning
Deel II. Successieplanning
  • Wat is successieplanning?
  • Rekening houden met volgende criteria:
    • Korte en lange termijnvisie: de ‘X’ factoren
      • Wat als ik morgen overlijd of nog jaren in leven blijf?
    • Twee sporenbeleid:
      • Civielrechtelijke bescherming
      • Fiscale kostbesparing - opmeten van de belastingdruk
    • Afhankelijk van de samenstelling van het gezin:
      • van de kinderloze vrijgezel tot …. de wedersamengestelde gezinnen met kinderen uit vorige huwelijken en relaties

J. Ruysseveldt

inhoud sessie
Inhoud sessie

Instrumenten tot successieplanning

Met effect bij overlijden

Testamenten

Contracten

Huwelijk

Samenleving

Aanwas

Levensverzekering

Met effect bij leven

Schenkingscontract (notariële akte/bankgift)

Met behoud van controle, via:

Vruchtgebruik

Levensverzekering

Maatschap

Vennootschap

Stichting

J. Ruysseveldt

agenda
Agenda

Verticale en horizontale planning

Tussen partners

Samenwonenden, echtgenoten

Tussen generaties

Ouders - kinderen

Civiel- en fiscale gevolgen

Onderscheid

Handelingen ten kosteloze titel:

Voorbeelden: testament, schenking

Handelingen ten bezwarende titel:

Voorbeelden: verkoop,aanwascontract

J. Ruysseveldt

agenda overzicht
Agenda - Overzicht

J. Ruysseveldt

  • I. Testamenten
  • II. Contracten
      • Huwelijkscontracten
      • Aanwascontracten
      • Schenkingscontracten
      • Levensverzekeringen
      • Bepaalde koopcontracten
      • Burgerlijke maatschap

J. Ruysseveldt

13

i testamenten
I. Testamenten

Algemeen

Eenzijdig

Herroepbaar

Drie categorieën:

Authentiek (of notarieel) testament

Eigenhandig (of holografisch) testament

Internationaal testament

J. Ruysseveldt

1 algemeen
1. Algemeen

Ten kosteloze titel

Eenzijdig en herroepbaar

Vergelijking met schenking

Contract

In beginsel onherroepelijk

Tijdens het leven

Drie categorieën:

Authentiek (of notarieel) testament

Eigenhandig (of holografisch) testament

Internationaal testament

Opvangnet

Fiscale gevolgen: successierecht

art. 2 W.Succ.

J. Ruysseveldt

2 toepassingen
2. Toepassingen

Verdeellegaat

Goederen nalatenschap bij testament verdelen

Anticiperen op de wettelijke onverdeeldheid

Erfgenamen erven onverdeelde rechten

Fiscaal voordeel bij verdeling van vastgoed

Besparing 1% registratierechten (art. 109 W.Reg.)

J. Ruysseveldt

2 toepassingen17
2. Toepassingen

Restlegaat

Mechanisme

Bij deze beschikking laat de erflater zijn goederen aan een eerste legataris na

op voorwaarde dat wat overblijft bij het overlijden van de eerste legataris (bezwaarde) aan een tweede legataris (verwachter) toekomt.

Voor wie?

Voor kinderloze echtparen of samenwonende partners

Ouders met een gehandicapt kind

Voorbeeld: ouders met gehandicapt kind

Gehandicapt kind wordt als bezwaarde en gezond kind als verwachter aangeduid.

Bij overlijden bezwaarde komt ‘residu’ toe aan de verwachter

Verwachter betaalt successierechten in rechte lijn (3-9-27%) alsof hij van rechtstreeks van ouders heeft verkregen.

J. Ruysseveldt

2 toepassing
2. Toepassing
  • Duolegaat of legaat onder last (art. 64 W.Succ.)
    • Mechanisme
      • 1. last bestaat in kosteloos afstaan aan een derde van een van de nalatenschap afhangend goed, geldsom, of rente
        • Deze last is belastbaar in hoofde van begunstigde legataris.
      • 2. last bestaat in een verbintenis om iets te doen
        • Voorbeelden:
          • Kosteloos afstaan van eigen goed van legataris aan derde
          • Last opgelegd om over te gaan tot het betalen van de door de bijzondere legataris verschuldigde successierechten – ook wel legaat “vrij van successierechten” genoemd
        • Deze last wordt verwaarloosd: geen SR verschuldigd
    • Voorbeeld
      • Testator zonder reservataire erfgenaam die zijn fortuin overmaakt aan VZW (8,80%) met legaat van privéwoning « vrij van successierechten » aan zijn levenspartner.

J. Ruysseveldt

ii 1 huwelijkscontract
II.1. Huwelijkscontract

Twee stelsels

Wettelijk of gemeenschappelijk stelsel

Stelsel van zuivere scheiding goederen

Correcties in het huwelijkscontract

Inbreng goederen in de huwgemeenschap

Wijziging huwelijkse voorwaarden met betrekking tot de huwgemeenschap

J. Ruysseveldt

J. Ruysseveldt

19

wettelijk stelsel drie vermogens
Wettelijk stelsel: drie vermogens

J. Ruysseveldt

J. Ruysseveldt

20

actief drie vermogens
Actief: drie vermogens

Eigen vermogen

goederen van vóór hun huwelijk

goederen tijdens het huwelijk via erfenis of schenking

persoonlijke voorwerpen (kleding, juwelen,...)

beroepsgereedschappen en werktuigen

goederen bij zaakvervanging

Voorbeeld: bouwgrond die door één van de echtgenoten wordt aangekocht met gelden die door zijn ouders werden geschonken

Gemeenschappelijk vermogen

Uitgangspunt of algemeen vermoeden: alle goederen v/d echtgenoten = gemeenschappelijk

Toepassingen

beroepsinkomsten van elk v/d echtgenoten tijdens huwelijk

alle goederen tijdens huwelijk door aankoop

inkomsten eigen goederen

Bvb: huurinkomsten woonhuis dat eigen vermogen is

J. Ruysseveldt

J. Ruysseveldt

21

wijziging huwelijkscontract
Wijziging huwelijkscontract
  • Correcties van het huwelijksstelsel
    • altijd notarieel
  • Wijziging samenstelling vermogen
    • Inbreng goederen in huwgemeenschap
  • Overlevingsrechten
    • conventioneel recht,onder voorwaarde van overleving toegekend aan de langstlevende echtgenoot ingevolge
    • In de regel ten bezwarende titel

J. Ruysseveldt

overlevingsrechten
Overlevingsrechten
  • Gehuwd onder een wettelijk of gemeenschappelijk stelsel
    • Toebedeling huwgemeenschap
      • Beding ‘langst leeft al heeft’
    • Keuzebedingen
      • Beding waarbij huwgemeenschap op aanwijzen van langstlevende wordt toebedeeld :
        • Ofwel 1/1 in volle eigendom
        • Ofwel ½ in volle eigendom en andere ½ in vruchtgebruik
        • Ofwel 1/1 in volle eigendom wat de roerende goederen betreft en ½ in volle eigendom en ½ in vruchtgebruik wat de onroerende goederen betreft
        • Ofwel…
      • Keuze in functie van:
        • Omvang van het gemeenschappelijk vermogen
        • Behoeften, leeftijd en gezondheidstoestand van de langstlevende, verhouding tegenover de kinderen
    • Fiscale gevolgen:
      • Art. 5 W.Succ: successierecht berekend op wat langstlevende echtgenote meer krijgt dan 1/2 van huwgemeenschap

J. Ruysseveldt

overlevingsrechten25
Overlevingsrechten
  • Verdelingsbeding onder last
  • Civielrechtelijk:
    • echtgenoot verkrijgt huwgemeenschap tot beloop van de helft, terwijl andere helft aan nalatenschap toekomt
    • opleg indien waarde kavel overlevende echtgenoot meer bedraagt dan de helft van het gemeenschappelijk vermogen
    • modaliteiten betaling opleg via huwelijkscontract
      • tijdstip (bvb. op elk ogenblik, in één of meerdere verrichtingen) - fracties (geheel of gedeeltelijk) en - modaliteiten (in geld of door afstand van gemeenschapsgoederen)
    • Fiscale gevolgen
      • geen art. 5 W.Succ.:
      • langstlevende echtgenoot verkrijgt niet meer dan de helft van de gemeenschap
      • bovendien is er opleg voor het meerdere dan de helft

J. Ruysseveldt

ii 2 schenkingscontract
II.2. Schenkingscontract

Schenking

Handeling waarbij iemand zich dadelijk en onherroepelijk verarmt in het voordeel van iemand anders die zich verrijkt

Rechtshandeling ten kosteloze titel

Definitief

behalve tussen echtgenoten: herroepbaar

Agenda

Algemeen - Definitie - Kenmerken

Vorm

Inhoud

Fiscale gevolgen

J. Ruysseveldt

schenkingscontract
Schenkingscontract
  • Algemeen
    • Effect bij leven
    • Voordelen
      • Praktisch, efficiënt, vat- en beheersbaar
      • Fiscaal interessant voor roerende goederen!!
      • Progressieve schenkingsrechten voor vastgoed
    • Nadeel
      • Definitief
        • behalve tussen echtgenoten
      • Reservebescherming kinderen blijft

J. Ruysseveldt

schenkingscontract28
Schenkingscontract
  • Vorm
    • Notariële akte
      • Principe: alle schenkingen bij notariële akte (art. 931 BW)
        • Verplichte registratie binnen de 15 dagen na datum akte
        • Gevolg: schenkingsrechten
      • Belgische notaris: 3 of 7% voor roerende goederen
      • Buitenlandse notaris: 0%
        • indien schenker minstens 3 jaar in leven blijft
    • Handgift
      • Erkend door doctrine en cassatierechtspraak (1863) – geen verplichte registratie
      • Toekomst? – Wet afschaffing toondereffecten
    • Bankgift
      • Geen verplichte registratie

J. Ruysseveldt

schenkingscontract29
Schenkingscontract
  • Techniek bankgift
    • Geen wettelijk kader
    • Geen verplichte registratie
    • Techniek= overboeking van gelden/effecten
      • Fase 1: aangetekende brief
        • Door schenker aan begiftigde
      • Fase 2: uitvoering bankoverschrijving
        • Geen melding woorden “schenking” of “gift” op overschrijvingsbulletin
      • Fase 3: redactie onderhands document (‘pacte adjoint’)
        • Eventuele modaliteiten uitwerken
        • Al dan niet ter registratie aanbieden

J. Ruysseveldt

schenkingscontract30
Schenkingscontract
  • Inhoud
    • In notariële schenkingsakte of onderhands bewijsdocument (pacte adjoint)
      • Uitdrukkelijke vrijstelling van inbreng
      • Last
      • Conventionele terugkeer
      • Vervreemdingsverbod
      • Uitsluiting
      • Vruchtgebruik

J. Ruysseveldt

schenkingscontract31
Schenkingscontract
  • Fiscale gevolgen
  • Gewestelijke materie
  • Roerende goederen
    • Geregistreerde schenking: 3 of 7%
    • Zelfs geen taxatie, indien schenker minstens 3 jaar in leven blijft.
    • Fiscaal belang ‘vaste’ datum
      • bewijzen dat schenking meer dan 3 jaar vóór overlijden plaatsvond
        • a) poststempel op aangetekende brief in de eerste fase
        • b) datum uittreksel bankoverschrijving
    • Fiscaal erkend (adm. beslissing 25 april 2005)

J. Ruysseveldt

schenkingscontract32
Schenkingscontract
  • Fiscale gevolgen
  • Onroerende goederen
    • Overzicht tarieven
      • Vlaamse gewest
      • Waalse gewest
      • Brusselse gewest
    • Progressief tarief
    • Belastbare grondslag
    • Schenkingen binnen de drie jaar

J. Ruysseveldt

vastgoed vlaams gewest
Vastgoed – Vlaams gewest

Tabel

J. Ruysseveldt

schenkingscontract35
Schenkingscontract
  • Progressief tarief
  • Wettekst: art. 131 W. Reg.
  • Er is een progressief evenredig recht voor de schenkingen van tegenwoordige goederen.
  • Het schenkingsrecht wordt berekend:
    • a) volgens de graad van bloedverwantschap die bestaat tussen de schenker en de begiftigde
    • b) volgens een progressief tarief
    • c) over bruto - aandeel dat iedere begiftigde verkrijgt

J. Ruysseveldt

schenkingscontract36
Schenkingscontract
  • Belastbare grondslag
    • Verkoopwaarde
      • art. 133 W. Reg.
      • op bruto- aandeel van elk der begiftigden
      • zonder aftrek van de lasten
      • Contra: successierecht
    • Schenking van blote eigendom met voorbehoud van vruchtgebruik
      • Bijzondere regels van verkooprecht (art. 47 tot 50 W. Reg.) van toepassing
      • Belastbare grondslag op volle eigendom

J. Ruysseveldt

schenkingscontract37
Schenkingscontract
  • Schenkingen binnen drie jaar: regel van progressievoorbehoud(art. 137 W. Reg.)
  • Wordt bij belastbare grondslag gevoegd:
    • bedrag gediend tot heffingsgrondslag van schenkingen
    • dewelke reeds tussen schenker en begiftigde zijn vastgesteld
    • door akten die dagtekenen van minder dan 3 jaar vóór datum van de nieuwe schenking
  • Toevoeging aan belastbare grondslag is fictief:
    • dient enkel tot bepaling v/h toepasselijk tarief

J. Ruysseveldt

schenkingscontract38
Schenkingscontract
  • Schenkingen binnen drie jaar
  • Voorbeeld
    • Vader schenkt woonhuis aan dochter – met voorbehoud van vruchtgebruik. Waarde: 300.000 EUR
    • Binnen 3 jaar vóór schenking was er al voor 100.000 EUR aan dochter geschonken.
    • Nu schenkt hij 2e maal voor 100.000 EUR.
    • Op tweede schenking zijn volgende rechten verschuldigd:
      • belastbare grondslag: 200.000
      • reeds belast - 100.000
      • Nog te belasten 100.000
      • aan 10 en 14% (5 en 6e schijf), of schenkingsrechten bedragen 12.000 EUR (50.000 x 10 % = 5.000 + 50.000 x 14% = 7.000)
    • Dus 2e 100.000 niet belast op 1e schijven v. 3, 4, 5 en 7%

J. Ruysseveldt

schenkingscontract39
Schenkingscontract
  • Tarief ondernemingen en aandelen
    • 2% in Vlaams gewest
      • In werking sinds 1 juli 2003
      • Ook in Brussel (3%) en Wallonië (0%)
    • Enkel voor: ambacht, handel, nijverheid, landbouw of industriële activiteiten
      • Dus niet voor patrimonium of holdingvennootschappen
    • Voorwaarden
      • Participatie (min. 10%) voor aandelen, geen tewerkstellingsvoorwaarde
      • Na de schenking gedurende 5 jaar: voortzetting, vervreemdingsverbod, verbod tot zetelverplaatsing, meldingsplicht

J. Ruysseveldt

ii 3 tontine en aanwascontract
II.3.Tontine- en aanwascontract
  • Inhoud
      • Tontine - kenmerken
      • Aanwas - kenmerken
      • Verschil tussen aanwas/tontine?
      • Voor wie?
      • Vorm - Modaliteiten
      • Fiscale gevolgen – formalisme

J. Ruysseveldt

tontine
Tontine
  • Tontine
    • = een kanscontract waarbij elke partij verkrijgt:
      • eigen deel onder ontbindende voorwaarde van zijn vooroverlijden, en;
      • andere deel onder opschortende voorwaarde van zijn overleven.
  • Kenmerken:
    • kanscontract (onder bezwarende titel)
    • tussenkomst van derde partij
    • samenspel van opschortende en ontbindende voorwaarden
  • Toepassingen :
    • Aankoop, schenking, vennootschap, levensverzekering

J. Ruysseveldt

tontine42
Tontine
  • Kanscontract
    • “alea” (kans)
      • hangt af v/e onzekere gebeurtenis (art. 1964 BW)
    • onzekere gebeurtenis
      • = niet in het overlijden, wel in volgorde van overlijden van beide kopers
    • ten bezwarende titel:
      • gelijke overlevingskansen in hoofde van beide kopers
      • let op voor animus donandi: geslacht, leeftijd en gezondheidstoestand
      • rechtzetten: opleg in geld of onderhoudsverplichting

J. Ruysseveldt

tontine43
Tontine
  • Belang kenmerken
    • a) Civielrechtelijke aspecten
      • Geen schenking: geen pleegvormen; geen uitdrukkelijke aanvaarding
      • Geen erfrecht: geen inbreng / inkorting
      • Niet herroepbaar: enkel mits onderlinge toestemming
    • b) Fiscale aspecten bij realisatie van de voorwaarde
      • Verkooprechten (Reg.R. - geen Succ.R.) bij vastgoed – zie hierna

J. Ruysseveldt

aanwas
Aanwas
  • Civielrechtelijk
    • Definitie
    • Kenmerken
    • Voor welke goederen?
    • Voor wie?
    • Modaliteiten
  • Fiscaalrechtelijk

J. Ruysseveldt

aanwas45
Aanwas
  • Aanwas
    • kanscontract
      • waarbij aandeel van eerst stervende onder de opschortende voorwaarde van zijn vooroverlijden zal aangroeien bij de langstlevende.
  • Kenmerken
    • beding tussen de partijen onderling, waarbij de langstlevende zijn rechten rechtstreeks van de eerst stervende verkrijger verwerft
    • “alea” (kans)
    • hangt af v/e onzekere gebeurtenis (art. 1964 BW)
      • niet in het overlijden, wel in volgorde van overlijden van beide kopers
    • ten bezwarende titel:
      • gelijke overlevingskansen in hoofde van beide kopers
      • let op voor animus donandi: geslacht, leeftijd en gezondheidstoestand (kan “om niet” zijn)
      • rechtzetten: opleg in geld of onderhoudsverplichting

J. Ruysseveldt

aanwas46
Aanwas
  • Belang kenmerken
    • a) Civielrechtelijk
      • Geen schenking: geen pleegvormen, geen uitdrukkelijke aanvaarding
      • Geen erfrecht: geen inbreng / inkorting
      • Niet herroepbaar: enkel mits onderlinge toestemming
    • b) Fiscaalrechtelijk
      • Bij realisatie v/d voorwaarde (overlijden)
      • Geen successierechten
      • Wel registratierechten (infra)

J. Ruysseveldt

aanwas47
Aanwas
  • Zowel voor roerende als onroerende goederen
    • Aandelen, effecten, vastgoed, …
  • Aanwas (tontine) zowel voor echtgenoten als voor samenwonenden
    • Aanwas tussen echtgenoten: Rb. Turnhout 7 januari 2005
    • Nuancering voor echtgenoten gehuwd onder het wettelijk stelsel of stelsel van gemeenschap van goederen
      • Echtgenoten kunnen geen aanwas/tontine voor rekening v/h gemeenschappelijk vermogen sluiten: schending van het mechanisme van het huwelijksvermogensrecht
        • wel aanwas/tontine mogelijk indien deze plaatsvindt met eigen gelden in wederbelegging

J. Ruysseveldt

aanwas48
Aanwas
  • Contract of beding in akte
  • Vorm
    • Al dan niet notarieel – voordelen: authenticiteit, uitvoerbaarheid, publiciteit (vastgoed)
    • Roerende goederen – onderhands
  • Modaliteiten
    • Twee vormen
    • in volle eigendom
      • Oplossing voor partners zonder reservataire erfgenamen
      • Let op! Mogelijks inkorting bij kinderen uit een vorig huwelijk of relatie
    • in vruchtgebruik
      • Oplossing voor kinderen uit een vorig huwelijk

J. Ruysseveldt

aanwas49
Aanwas
  • Fiscale gevolgen (realisatie voorwaarde)
    • Geen successierechten
    • Registratierechten
      • Tarief
        • Verkooprechten (10% of 12,5%) voor vastgoed
        • Geen taxatie voor roerende goederen (25 EUR)
          • Zie Parl. Vraag. Nr. 840 L. VAN BIESEN – 14 juni 2005
      • Grondslag
        • Verkoopwaarde op het ogenblik van overlijden
  • Formalisme (realisatie voorwaarde)
    • Verklaring in dubbel (art. 31 W.Reg.)
      • waarvan één ter registratie blijft
    • Binnen 4 maand vanaf vervulling voorwaarde

J. Ruysseveldt

ii 4 levensverzekering
II.4. Levensverzekering

Uitgangspunt: beding ten behoeve van een derde

Men wordt geacht te hebben bedongen:

voor zichzelf

voor zijn erfgenamen en rechtverkrijgenden

tenzij het tegendeel uitdrukkelijk is bepaald of uit de aard van de overeenkomst voortvloeit (art. 1122 B.W.)

Uitzondering: beding ten behoeve van een derde =

hoofdovereenkomst tussen twee partijen

waarbij de ene partij bedingt

dat de andere partij iets moet geven of doen ten behoeve van de derde die juridisch vreemd is aan de verrichting.

J. Ruysseveldt

levensverzekering
Levensverzekering

Klassieke toepassing

Levensverzekeringscontract AAB

Waarbij verzekeringnemer (A) met de verzekeringsmaatschappij een contract (polis) afsluit waarbij A op zijn eigen hoofd (A) een voordeel bedingt in het voordeel van een derde (B)

B = begunstigde en hoeft niet in het contract tussen te komen – hij zal bij overlijden van A het voordeel van opstrijken.

A heeft op die manier beschikt ten behoeve van C.

Begunstigde B zal overigens zijn recht op de geldsom ontlenen aan een contract (tussen A en verzekeraar) en niet aan de nalatenschap van A.

Contract ten kosteloze titel

Fiscaal gevolg: successierecht (art. 8 W.Succ.)

J. Ruysseveldt

levensverzekering52
Levensverzekering
  • Echtgenoten onder gemeenschappelijk stelsel
    • a) één van de echtgenoten heeft met eigen gelden bedongen in voordeel van andere echtgenoot:
      • volledig bedrag = belastbaar
    • b) één van de echtgenoten heeft zelf bedongen in zijn eigen voordeel op het hoofd van zijn echtgenoot (de overledene): = in feite geen beding ten behoeve van een derde vermits de echtgenoot voor zichzelf heeft bedongen
      • helft (1/2) = belastbaar! → vermoeden dat premies met gemeenschappelijke gelden werden betaald, zelfs wanneer in eigen voordeel werd bedongen 

J. Ruysseveldt

levensverzekering53
Levensverzekering
  • Echtgenoten onder gemeenschappelijk stelsel
    • Uitzondering: voordeelniet belast:
      • indien het verkregen werd als tegenwaarde voor eigen goederen van de begunstigde echtgenoot
  • Echtgenoten gehuwd onder scheiding van goederen
    • Voordeel volledig belast
      • indien verkregen ingevolge beding gemaakt in zijn voordeel in een contract gesloten door de andere echtgenoot

J. Ruysseveldt

levensverzekering54
Levensverzekering
  • Circulaire 31 juli 2006
  • Onderscheid
  • 1. Zuivere levensverzekeringspolis “AAB”
    • waarbij man verzekeringnemer (A), verzekerd hoofd (A) is en echtgenote begunstigde (B) bij overlijden
    • Wat indien echtgenote (begunstigde B) vooroverlijdt? Er is geen uitkering.
      • Geen successierechten
        • zie art. 111 Wet Landverzekeringsovereenkomst
      • Eigen goed v/d verzekeringnemer, zelfs als deze met gemeenschapsgelden werd betaald

J. Ruysseveldt

levensverzekering55
Levensverzekering
  • 2. Gemengde levensverzekeringspolis “AAAB”
    • waarbij man zowel verzekeringnemer (A), verzekerde (A) als begunstigde bij leven (A) is en echtgenote begunstigde (B) bij overlijden.
    • Wat zijn indien de begunstigde vooroverlijdt?
      • Echtgenote/begunstigde overlijdt op het ogenblik dat haar echtgenoot nog geen 65 geworden is. Er is nog geen uitbetaling.
      • Vermogenswaarde/afkoopwaarde van het nog niet uitgekeerd kapitaal vormt een actief bestanddeel van het gemeenschappelijk vermogen
      • Gevolg: successierechten op basis van art. 1 W.Succ.

J. Ruysseveldt

ii 5 bepaalde koopcontracten
II. 5. Bepaalde koopcontracten
  • De impact van enkele handelingen tijdens het leven op het successierecht
    • verkrijging van een gelijktijdig vruchtgebruik in hoofde van de erflater en de blote eigendom voor de medecontractant (art. 9 W.Succ.)
    • verdeling met voorbehoud van een levenslang recht in hoofde van de erflater (art. 10 W.Succ.)
    • afstand met voorbehoud levenslang recht in hoofde van de erflater (art. 11 W.Succ.)
  • Handelingen ten bezwarende titel (verkoop) tussen personen met een zekere bloed- en aanverwantschap :
    • erfgenamen, legatarissen, begiftigden
    • bepaalde tussenpersonen
      • vader, moeder, afstammelingen en echtgenoot v/d erfgenaam, de legataris/begiftigde of persoon met wie deze wettelijk samenwoont (art. 911 BW)
      • iedere persoon van wie de erfgenaam, legataris/begiftigde zelf vermoedelijk erfgenaam is (art. 1100 BW)

J. Ruysseveldt

artikel 9
Artikel 9
  • Artikel 9 W. Succ. 
    • al. 1: verkrijging onder bezwarende titel
      • van roerende of onroerende goederen
      • terzelfder tijd
      • voor vruchtgebruik op naam van erflater, en
      • voor blote eigendom op naam v/e derde.
    • al. 2: materiëleinschrijving effecten
      • op naam of aan toonder
      • voor het VG op naam v/d erflater/overledene, en
      • voor de BE op naam v/e derde

J. Ruysseveldt

artikel 958
Artikel 9
  • Voorbeeld
    • 1 maart 1988: aankoop door vader voor VG en door dochter voor BE van een huis gelegen te Gent, voor 100.000 EUR. In de notariële akte niets nader bepaald mbt de prijs.
    • 20 november 1998: Vader sterft †
    • Waarde huis op datum overlijden = 230.000 EUR.  
    • Vader heeft VG niet genoten.
    • Dochter kan niet de betaling van zijn aandeel in de prijs niet bewijzen.
  • Toepassing art. 9 W.Succ. voor dochter
    • Belastbare grondslag = 230.000 EUR, waarop progressieve successierechten 3-9-27% worden berekend

J. Ruysseveldt

artikel 959
Artikel 9
  • Vruchtgebruik
    • geen toepassing voor andere zakelijke levenslange rechten (bvb. recht van bewoning)
  • Gelijktijdige verkrijging van VG en BE
  • Tegenbewijs mogelijk
    • M.a.w. bedoelde verrichting bedekt geen bevoordeling
    • door alle middelen van het gemeen recht: getuigen, vermoedens, behalve eed (art. 13)
    • adm. beslissing 13 december 2007: bewijs door koper blote eigendom dient gebeuren rekening houdend met het ogenblik v/d betaling door blote eigenaar van zijn deel in de prijs
    • loutere beweringen volstaan niet (bvb. kwijting in akte aankoop)

J. Ruysseveldt

artikel 10
Artikel 10
  • Onverdeeldheden
    • onverdeeldheid tussen erflater en één of meer van zijn erfgenamen, legatarissen/begiftigden, of tussenpersonen
    • aan die onverdeeldheid wordt een einde gesteld door een verdeling
    • bij die verdeling wordt aan de erflater, ter vergoeding van zijn eigendomsrechten in de onverdeelde boedel, een levenslang recht toegekend:
      • vruchtgebruik,
      • rente, of
      • andere: gebruik, bewoning, voeding en zorgen.
  • Geen successierecht
    • in de mate waarin aan overledene (buiten levenslange rechten) goederen in eigendom werden toegekend (bvb. opleg, kapitaalsgoed)
    • in de mate is er een tegenprestatie, dus geen bevoordeling

J. Ruysseveldt

artikel 1061
Artikel 10
  • Levenslang recht
    • ruimer dan vruchtgebruik ≠ art. 9 W.Succ.
  • Tegenbewijs mogelijk (zoals art. 9 W.Succ.)
  • Dubbel tegenbewijs:
    • gelijkwaardigheid v/d prestaties (dwz dat de prestaties die bedongen werden in voordeel van de erflater gelijk waren aan wat deze laatste heeft afgestaan),en
    • werkelijke uitvoering (werkelijk en oprecht) van de in het voordeel van de erflater bedongen prestaties.
  • Feitenkwestie
    • indien verschil tussen prestaties slechts ongeveer 10% bedraagt, kan van de toepassing van artikel 10 dan ook worden afgezien.

J. Ruysseveldt

artikel 11
Artikel 11
  • Verrichtingen onder « bezwarende » titel
    • waarbij erflater
    • aan één van zijn erfgenamen, legatarissen/begiftigden of tussenpersoon;
    • goed heeft afgestaan
      • onroerend, lichamelijk roerend, effecten, geldsom, enz.
    • Met voorbehoud van levenslang recht
      • Vruchtgebruik, lijfrente
  • Toepassingen:
    • verkoop door erflater van vastgoed goed tegen lijfrente
    • verkoop door erflater van blote eigendom met voorbehoud van vruchtgebruik
  • Tegenbewijs mogelijk

J. Ruysseveldt

ii 6 burgerlijke maatschap
II. 6. Burgerlijke maatschap

1. Situering en definitie

2. Wettelijke bepalingen en kenmerken

3. Fiscale beginselen

4. Toepassingen

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap
Burgerlijke maatschap

Situering

1°) indirecte doelstelling:

principe: erven => progressieve successierechten

fiscale optimalisatie in ‘t kader van successieplanning

overdracht goederen bij leven via schenking

Oplossing: schenking roerende goederen

Zonder registratie minstens 3 jaar voor overlijden (hand – of bankgift) of Nederlandse notariële akte : geen schenking – of successierechten

Met registratie : betaling vlakke schenkingsrechten 3 – 7%

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap65
Burgerlijke maatschap

Situering

2°) ‘echte’ doelstelling:

behoud controle mogelijk na schenking roerende goederen?

problematiek schenking :

onherroepelijk – “donner et retenir ne vaut”

verlies controle : macht is inherent aan vermogen (geschonken goederen): gevolg macht is weg

oplossing:

oprichting burgerlijke maatschap, met aanduiding schenker als statutaire zaakvoerder 

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap66
Burgerlijke maatschap

Definitie

Burgerlijke maatschap =

Contract

onderhands of authentiek

tussen twee of meerdere personen

waarbij specifiek vermogen wordt ingebracht

met als doelstelling : beheer van het patrimoniaal privévermogen

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap67
Burgerlijke maatschap

Toepassing = familiale burgerlijke maatschap

Successieplanning: schenking via hand –, bankgift, notaris

2 opties:

1) schenking door ouders vóór oprichting Burg M

==> kinderen + ouders: inbreng vermogen in Burg M

==> kinderen handelen ‘vrijwillig’

2) schenking door ouders na oprichting Burg M

==> ouders : schenking delen – op naam – van de BM aan de kinderen

via notaris (Belgisch – buitenlandse bvb. Nederlandse)

Doel : behoud zeggenschap ouders

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap68
Burgerlijke maatschap

Wettelijke bepalingen

Wetboek Vennootschappen

art 46 - art 65

Voorheen: burgerlijk wetboek art. 1832-1873 BW

Aanvullend contractueel recht

eigen invulling zolang wettelijke bepalingen niet geschaad worden

==> afwijking via statutaire clausules

Verbod leeuwenbeding

==> alle maten dienen op redelijke wijze te delen in winst of verlies

niet noodzakelijk : in verhouding tot inbreng

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap69
Burgerlijke maatschap

Wettelijke bepalingen

Afwezigheid rechtspersoonlijkheid / geen eigen vermogen / transparantie

geen rechtspersoonlijkheid

niet in rechte optreden ==>afzonderlijke juridische entiteit

maten = eigenaar van ingebracht vermogen

geen eigen vermogen ==> onverdeeldheid tussen maten

fiscaal gevolgen:

niet onderworpen aan vennootschapsbelasting of rechtspersonenbelasting

fiscale transparantie

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap70
Burgerlijke maatschap

Naam

Zetel

Duur

onbepaalde duur: eenzijdige opzegging door één van de maten mogelijk – Gevolg: maatschap op bepaalde duur afstemmen

Doel

Civielrechtelijk

In het kader van vermogensplanning: normaal beheer privé vermogen

Gevolgen: uitsluiting van speculatieve verrichtingen en geen handels – of winstactiviteit

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap71
Burgerlijke maatschap

Bestuur :

aanduiding van schenker als één of meerdere statutaire zaakvoerders

bvb. : ouders statutaire zaakvoerder

lasthebber van de andere maten

statutair onafzetbaar (voor het leven benoemd)

sterk mandaat voor zaakvoerder en uitwerken bij zijn/haar overlijden en defungeren

vertegenwoordiging van de statutaire zaakvoerder t.o.v. derden binnen de perken van zijn volmacht en teneinde het doel van de maatschap te bevorderen

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap72
Burgerlijke maatschap

Algemene vergadering

Jaarlijks:

controle op bestuur van zaakvoerder voor het afgelopen jaar

kwijting aan zaakvoerder

Bijzonder

wijziging statuten, bijkomende inbrengen of onttrekkingen

Wijze van stemmen:

gewone of gekwalificeerde (4/5, unanimiteit) meerderheid

Vetorecht zaakvoerder

voor bijzondere beslissingen (bvb. wijziging statuten, …)

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap73
Burgerlijke maatschap

Aansprakelijkheid

onbeperkte aansprakelijkheid van de maten

niet beperkt tot inbreng

activiteiten moeten binnen doel kaderen

‘Delen’ of ‘bewijzen van deelgerechtigdheid’

op naam

geen wettelijk vereist maatschappelijk kapitaal

geen ‘aandelen’

overdracht mits unanieme goedkeuring van de andere maten – of andere beperkingen (gekwalificeerde meerderheid – bvb. 3/4 – 4/5, …)

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap74
Burgerlijke maatschap

Ontbinding

Beginselen:

overlijden, onbekwaamheid, faillissement van een maat

eenhoofdigheid

Statutaire afwijking mogelijk

voortzettingclausule 

voorzien van opvolgers = erfgenamen van overleden maat

aanwasclausule 

‘overlevende’ maten zetten maatschap voort

bijzondere meerderheid of unanimiteit in de schoot van de algemene vergadering

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap75
Burgerlijke maatschap

Kenmerken

Oprichting via overeenkomst (onderhands of notarieel)

Minstens 2 maten met inbreng (geld, arbeid,…)

Libertijnse statuten

Bestuur – sterk mandaat voor zaakvoerder

Overdracht delen – beperking overdracht

Één stem per deel, of stem per maat, …

Vetorecht zaakvoerder op algemene vergadering

Geen publicatie

Geen boekhouding – jaarrekening

Fiscaal transparant (zie hierna)

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap76
Burgerlijke maatschap

Fiscale aspecten

1. Oprichting

a) Registratierechten

onderhandse oprichtingsakte: geen registratieverplichting

notariële oprichtingsakte: verplichte registratie: in de regel 0% - ook voor vastgoed (beslissing 25 mei 2007)

b) Inkomstenbelasting:

Geen taxatie van gerealiseerde meerwaarden bij inbreng

Uitzondering: speculatieve inzichten (art. 90, 1° WIB 92) – inbreng gronden en gebouwen (art. 90, 8 en 10° WIB 92)

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap77
Burgerlijke maatschap

Fiscale aspecten

2. Tijdens werking

Uitgangspunten:

inbrengers : privé personen

ingebrachte goederen : beheer privaat vermogen

Gevolgen :

=> geen vennootschap – of rechtspersonenbelasting

=> fiscale transparantie :

roerende inkomsten : bevrijdende RV

onroerende inkomsten : cfr. PB

Taxatie in hoofde van elke maat in functie van verdeelsleutel voorzien in statuten

J. Ruysseveldt

burgerlijke maatschap78
Burgerlijke maatschap

Fiscale aspecten

3. Bij ontbinding = uit onverdeeldheid treden:

geen liquidatiebelasting (10%)

verdeling roerende goederen:

vast recht 25 EUR

geen belasting meer verschuldigd op tegoeden

verdeling onroerende goederen:

onder de maten die het vastgoed destijds hebben ingebracht: 1% (art. 109 W.Reg.)

aan de maten die niet in de burgerlijke maatschap hebben ingebracht: 10% of 12,5% (art. 113 W.Reg.)

J. Ruysseveldt

RUYSSEVELDT

burgerlijke maatschap79
Burgerlijke maatschap

Toepassingen

Zowel vastgoed als roerende goederen

Controle levensverzekeringen

In hoofdzaak voor

beursgenoteerde effecten

bedrijfsaandelen

kunstwerken

J. Ruysseveldt

jos ruysseveldt
Jos Ruysseveldt

Advocaat Vermogensplanning

Prof. Fiscale Hogeschool – H.U.B., Brussel

Exec. Prof. UAMS, Antwerpen

Gemeenteplein 24

8300 Knokke-Heist

Tel: 050 /60.73.13

Fax: 050 /60.73.14

Website: www.ruysseveldt.be

E-mail: info@ruysseveldt.be

J. Ruysseveldt