1 / 23

Paragraaf 2.5

Paragraaf 2.5 . Sovjetunie. Rusland. Rusland was een groot land, met een Tsaar aan het hoofd. Tsaar Nicolaas II. Alleenheerser Macht van God Erg beschermd. Armoede in Rusland. Meeste mensen waren arme boeren (pachters) die hard moesten werken. Problemen . Tsaar wilde alleen regeren.

aleron
Download Presentation

Paragraaf 2.5

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. Paragraaf 2.5 Sovjetunie

  2. Rusland • Rusland was een groot land, met een Tsaar aan het hoofd.

  3. Tsaar Nicolaas II • Alleenheerser • Macht van God • Erg beschermd.

  4. Armoede in Rusland • Meeste mensen waren arme boeren (pachters) die hard moesten werken.

  5. Problemen • Tsaar wilde alleen regeren. • Slecht leger, te weinig wapens en training. • Tijdens WO I: Rusland bleef verliezen van Duitsland. • Veel dode soldaten. • Door de oorlog: grote voedseltekorten. • Hongersnood.

  6. Revolutie • Februari 1917: opstand van de bevolking. • Het leger weigerde in te grijpen. • De Tsaar had geen macht meer, en trad af. • Dit was de eerste fase van de Russische revolutie.

  7. Gevolg • Er kwam een nieuwe regering: Voorlopige Regering. • Maakte een nieuwe grondwet. • Maar wilden wel doorvechten tegen Duitsland! • De bevolking was boos.

  8. Communisten • Lenin • Was leider van de Bolsjewieken. • Hij beloofde: • Hij zou het land van de rijke grootgrondbezitters afpakken en aan de arme boeren geven. • Hij zou de oorlog tegen Duitsland stoppen.

  9. Oktober 1917 • Rusland verloor te veel oorlogen: Bevolking was het beu, en steunde Lenin • Oktober 1917: Oktoberrevolutie. • De Voorlopige Regering wordt weggejaagd, en Lenin neemt hun plek in. • De communisten waren nu aan de macht.

  10. Communisme • Bedacht door Karl Marx: • Revolutie is nodig om de arbeiders te helpen. • Kapitalisme ( winst maken) is slecht. • Communisme: iedereen is gelijk. • Geen privébezit meer. Alles is van de staat. (grond, gebouwen, machines)

  11. Communisme • De staat moet dan alles eerlijk verdelen. • De staat bepaald dus alles: lonen, prijzen, productie. • Lenin is nu aan de macht, en gaat alles regelen. • Alle andere politieke partijen worden verboden. • Voortaan heet Rusland: Sovjet-Unie. • (Sovjet is een kleine vergadering van soldaten en arbeiders)

  12. Lenin: • Tekende vrede met Duitsland. • Vrede van Brest-Litowsk • Kapitalisme werd afgeschaft. • Iedereen die een boerderij bezat, moest die inleveren. • Dit leidde tot een burgeroorlog: tussen communisten en hun tegenstanders. ( rood tegen wit) • Er kwam een geheime politie: Tsjeka.

  13. Terreur • Vanaf toen werd er veel geweld gebruikt. • Uiteindelijk zullen miljoenen mensen omkomen. • Sovjet-Unie is geen arbeidersparadijs maar een extreme dictatuur. • De staat bepaald alles. • In 1924: Lenin sterft.

  14. Stalin • Stalin neemt de macht over. • Wil het communisme strenger invoeren. • Begon met planeconomie. • De staat bepaalde in vijfjarenplannen wat er geproduceerd moest zijn na 5 jaar. • Zware industrie moest groeien. • Arbeiders moesten harder werken. • SU kreeg steeds meer industrie.

  15. Stalin • Boeren moesten harder werken • Graan kon verkocht worden: meer geld om industrie te bouwen. • Collectivisatie: • Alle boerderijen werden samengevoegd tot megaboerderijen: Kolchozen. • Boeren wilden niet, maar Stalin dwong ze. • Als je niet wilde:

  16. Strafkampen • Siberië • Miljoenen mensen zijn omgekomen in strafkampen. (Goelag) • Kou (-30 graden), honger en ziekte. • Door propaganda (reclame) werd de bevolking verteld dat de “slechteriken” naar kampen werden gestuurd.

  17. Gevolgen van massamoord • Productie ging omlaag • Grotere hongersnood en nog meer doden • Vormen van geweld: • Kampen • Geheime politie: KGB. • Showprocessen -> belachelijke bekentenissen. • Zuiveringen. Bv 1934-1938: 35.000 hoge militairen omgebracht.

  18. Totaal: • 20-48 miljoen doden. • Stalin maakte van SU een Totalitaire staat. • Niemand mocht kritiek hebben op de staat. • Censuur • Staat bepaalde wat er in de krant stond, op radio kwam of in bioscoop te zien was. • Propaganda • Lenin en Stalin moesten vereerd worden. • Na 1938 werd de terreur minder: WO II kwam eraan.

  19. Einde

More Related