1 / 22

Eerst connectie dan correctie

Eerst connectie dan correctie. Anne van den Berg FPK Assen 3 oktober 2013. Geen connectie. "Praatjes vullen geen gaatjes", zei gekke Griet en sprak een uur lang door 't vergiet. John O’Mill. Indeling lezing. Connectie Psychopathie Gehechtheid en psychopathie

truong
Download Presentation

Eerst connectie dan correctie

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. Eerst connectie dan correctie Anne van den Berg FPK Assen 3 oktober 2013

  2. Geen connectie "Praatjes vullen geen gaatjes", zei gekke Griet en sprak een uur lang door 't vergiet. John O’Mill

  3. Indeling lezing • Connectie • Psychopathie • Gehechtheid en psychopathie • Therapeutische relatie vanuit psychodynamisch perspectief • Ontmoedigende en bevorderende interventies • Eerst connectie dan correctie • Correctie

  4. Bartje

  5. Hunebed

  6. Pompekliniek 1973-1975

  7. Psychopathie Verzamelbegrip van uiteenlopende klinische beelden (Hervé) • Primair (kernpsychopaat) en secondair (omgeving) • DSM 5, Antisociaal-psychopathie. Dynamischer • Vier facetten van Hare, PCL-R. Interpersoonlijk, gevoelsmatig, levensstijl, antisociaal gedrag. • Disinhibitie, meanness, boldness op basis van laag angstniveau en moeilijk temperament (Patrick, c.s.). • Cooke, Comprehensive Assessment of PsychopathicPersonality. Domeinen van zelf, gevoelens, dominantie, gehechtheid, gedrag, denken. • Grandiositeit, onthechtheid, misleiding, impulsiviteit (Meloy).

  8. Samenhang psychopathie en gehechtheid

  9. Psychopathie en trauma Weinigonderzoekgevonden • Delinquenteadolescenten ♂, 78% trauma’s, 54% emotioneleverwaarlozing en 40% seksueelmisbruik. Burnet, 2006. • Delinquentemannen♂ 4 x meer (48.3%) getraumatiseerd i.v.t. controlegroep (12,5%). Reavise.a., 2013. • Positievecorrelatiedelinquenteadolescenten♂ facetten Hare en fysiek en emotioneelmisbruik. Krischere.a., 2008. • Interpers. en affect. facetten Hare beschermentegenposttraumatische stress bij ♂. Willemsen, Verhaeghe, 2011. • Hoge PCL-R significant hoger op sexueel en emotioneelmisbruik, iets minder op fysiekmisbruik en stressfull events ♂. Peer review 2013. Onderzoeksproblemen: Veelsoorten trauma’s en verschillendeinvullingenpsychopathie

  10. Review onderzoek psychopathie-gehechtheid > 18 jaar (2011) 12 empirische studies: • meest voorkomende gehechtheidstijlen zijn vermijdend (DS) en ‘CannotClassify/Unresolved’ (CC/U). • Hoe hoger de mate van psychopathie, hoe minder DS maar meer CC/U. • Unresolved door trauma’s vanuit de (vroege) jeugd en CannotClassify vanwege het onthecht zijn.

  11. Psychodynamisch werken (Fonagy) • Hoe iemand reageert op zijn omgeving komt voort uit vroegere ervaringen, bewust/onbewuste betekenis daarvan. • Complexe onbewuste processen zijn mede verantwoordelijk voor het bewuste denken. • Relaties met belangrijke anderen in de vroege ontwikkeling worden geïnternaliseerd als mentale representaties. Deze bepalen hoe men omgaat met anderen, verwachtingen en het zelfbeeld. • Traumatische ervaringen veroorzaken heftige innerlijke conflicten die gewone probleemoplossing kunnen aantasten. • Onbewuste onacceptabele wensen worden afgeweerd. Hoe primitiever de afweer hoe ernstiger pathologie. • Menselijke communicatie kent 2 niveaus: een bewust manifest en onbewust latent. • De relatie met de therapeut/behandelomgeving in het hier en nu staat centraal. Hierin zijn voorgaande punten te bewerken.

  12. Behandelen vanuit de relatie

  13. Soorten therapeutische relaties • Primaire relatie. Geen objectconstantie en zelf-objectdifferentiatie. Grote ontwikkelingstekorten. Deze bewerken. Vooral steunend van karakter. • Overdrachtsrelatie. Wel zelf-objectdifferentiatie. Problemen met wat wel en niet reëel is. Vroegere conflictueuze relaties worden herhaald in het hier en nu. Steunend/analyserend. • Werkrelatie. Volwassen deel patiënt communiceert met therapeut. Samenwerking op gebied van doelen en taken. Adequate perceptie van wat reëel is en wat bij zichzelf en de ander hoort. Analyseren en oefenen. • Reële relatie. Aan het einde van behandeling. Zakelijke en inhoudelijke contacten over leven na de opname. Trijsburg, 2002

  14. Vier subtypes naar Meloy • Narcistische type. • Affectief onthechte roofdier type. • Misleidende, bedriegende, instrumentele type. • Impulsieve, onverantwoorde type. Gemengde types

  15. Richtlijnen omgang ‘psychopaat’ (1) Gehechtheid ontmoedigende richtlijnen: • Afstandelijke attitude. Niet gericht op empathie en relatievorming (H en K) • Rationele insteek met korte termijn behoefte bevrediging (H) • Doelen richten op gedragsverandering i.h.b. recidivevermindering, en niet op subjectieve en intrapsychische problematiek (H) • Niet laten leiden door gevoelens voor patiënt. Rationeel de doelen voor ogen houden (H) • Werkrelatie met patiënt zonder dat deze afhankelijk van je wordt (H) • Geen emotietaal gebruiken (K) • Ga ervan uit dat de patiënt wil manipuleren, domineren, splitsen en zich niet emotioneel wil hechten (T) • Focus op feiten, gedrag en niet op meningen en gevoelens (M)

  16. Richtlijnen omgang ‘psychopaat’ (2) Behandelingsbevorderende richtlijnen: • Richt je op potentieel veranderbare haalbare doelen (T) • Richt je op beschermende factoren. Pro-sociale gedrag (T, K) • Humor en spel. Metapositie (K) • Gewenst gedrag belonen, ongewenst begrenzen/negeren (K) • Cognitief gedragtherapeutisch voor lange tijd toepassen (T) • Regelmatig supervisie (K, M, T) • Bij grensoverschrijdingen direct stelling nemen (H) • Kosten baten analyse maken voor crimineel gedrag (H) • Belonen met privileges appellerend aan status/uitdaging (M)

  17. What works • Objectief en subjectief waarneembare symptomen, syndromen, gedrags- en persoonlijkheidsstoornissen. • Sociale omgeving, context en het systeem. • Bewust toegankelijke cognitieve schema’s, copingstijlen en mentale representaties van zelf en ander. • Psychodynamiek, zoals impliciete schema’s, aard objectrelaties, innerlijk conflict en defensie. Organisatie persoonlijkheid en driftontwikkeling. • Veiligheid gezinsklimaat, opvoeding, traumatische ervaringen, gehechtheidrepresentaties en stijlen. • De meer genetisch bepaalde stabiele persoonlijkheidskenmerken en temperamentfactoren.

  18. Gehechtheid ontmoedigende behandeling • Regelmatig wisselen van persoonlijk begeleider. • Wisselende afspraaktijden op steeds andere kamers. • Patiënt gezichtsverlies laten leiden. • Opstellen van casusconceptualisaties, delictscenario en TvP bij begin opname/behandeling. • Wantrouwende posities innemen zoals verwachten manipulatie. • Eerst patiënt verantwoordelijkheid voor delict laten erkennen terwijl hij verminderd toerekeningsvatbaar is. • Vastpinnende diagnoses en testuitslagen communiceren. • Weinig sociale interacties in behandelingsprogramma. • Los, gesplitst, chaotisch behandelingsteam. Regieprobleem.

  19. Gehechtheid bevorderende interventies Gehechtheid kan gaan groeien vooral door ervaringen van wederzijdsheid en in veel mindere mate door expliciete leerdoelen: • Aansluiten bij zintuigelijke gevoeligheden. Groot belang van vaktherapieën. • Impliciete interventies, vooral preverbaal. • Alternatieve transitionalobjects aanbieden. • Veilig klinisch milieu (Adshead). • Speltherapie voor volwassenen. ‘Alsof situatie’. • Complementair reageren. • Winstsituatie creëren. • Voorzichtig complimenteren als dat oprecht is. • Patiënt positie geven van meedenken. • Geen voorschriften geven maar voorstellen doen. • Mentaliseren en mediteren. • Structuur en grenzen in afspraken en milieu.

  20. Eerst connectie dan correctie Veilig hechten minder kans op hechtenis Accent op hechtenis minder kans op hechten Patiënt: kwetsbaar kapotmakend onthecht/gedesorganiseerd/vermijdend delict=overleving/wraak/bescherming Behandelaar: betrouwbaar/veilig invoegend/verbindend wederzijds veilig gehecht, empathie + verandering denken/voelen/doen

  21. Angst van de forensisch werker There was a young lady from Diever, who smiled as she rode on a tiger. They returned from the ride with the lady inside, and the smile on the face of the tiger.

  22. Wederzijds contact • anne@berg-op.nl • www.berg-op.nl Boek 2011: Gehechtheid en antisociale relatievorming. De bijdrage van de gehechtheidtheorie aan de behandeling van de antisociale persoonlijkheidsstoornis en psychopathie. ISBN 978-90-818070-0-5

More Related