Hemelhoog - PowerPoint PPT Presentation

huyen
hemelhoog n.
Skip this Video
Loading SlideShow in 5 Seconds..
Hemelhoog PowerPoint Presentation
play fullscreen
1 / 14
Download Presentation
Presentation Description
225 Views
Download Presentation

Hemelhoog

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - E N D - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Presentation Transcript

  1. Hemelhoog Lien Cavens Hanne Van Rooy Wencke Van Gael

  2. Inhoud: *Mythen *Wat zijn normale reacties van kinderen bij een ervaring met de dood? *Verschillende leeftijd, verschillende manier van omgaan met dood. *stappenplan na het ongeluk *Wat kan je doen in de klas?

  3. “Hoe ik me moet voelen weet ik niet, hoe ik me moet gedragen weet ik ook niet. En wat ik moet zeggen al helemaal niet. Alles begint een beetje door te dringen dat jij daar bent en niet hier. En toch, wat is daar?”

  4. Mythen: • kinderen en peuters zijn te jong om verlies te ervaren en te rouwen, en om de dood te begrijpen • kinderen die te veel huilen zijn zwak en schaden uiteindelijk zichzelf • rouwende kinderen groeien op tot problematische volwassenen • een rouwproces van een kind verloopt in voorspelbare fasen • kinderen rouwen slechts korte tijd • ouders moeten hun verdriet verbergen voor hun kinderen

  5. Wat zijn normale reacties van kinderen bij een ervaring met de dood? • ongewoon stil en teruggetrokken zijn • heel druk of uitbundig doen • verminderde interesse • onrustige slaap, nachtmerries • angstig gedrag, niet alleen durven zijn • om kleinigheden huilen of boos worden, prikkelbaar zijn • verminderde schoolprestaties • verlies van vaardigheden zoals eten, praten, zindelijkheid • lichamelijk klachten, hangerig zijn • zich verantwoordelijk of schuldig voelen over wat er gebeurd is


  6. Verschillende leeftijd, verschillende manieren van omgaan met de dood • Hele kleine kinderen, tot ongeveer drie jaar, hebben echt geen besef van de dood, wel zijn ze bang om gescheiden te worden • Kinderen van drie tot zes jaar kennen wel het verschil tussen leven en dood, maar ze begrijpen nog niet het definitieve karakter van de dood. De dood is een soort slaap. • Kinderen van zes tot negen jaar beginnen tot besef te komen dat de dood onomkeerbaar is, maar ze kunnen nog moeilijk begrijpen wat zo’n definitief einde nu juist inhoudt. Er is interesse voor wat na de dood gebeurt.

  7. Stappenplan • Stap 0 :  Eerste reactie  *Kun je het zelf aan? *Bericht verifiëren *Indien het ongeval op school is gebeurd: ouders, familie inlichten *Crisisteam vormen van directeur, leerkracht, een vertegenwoordiger van de oudercommissie • Stap 1:  Duidelijkheid zien te krijgen  *Wie is er overleden? *Wat is er precies gebeurd? *Waar, wanneer en hoe is het gebeurd? *Zijn er broers of zussen op school en in welke groep? *Contact opnemen met de familie *Welke informatie mag van de familie bekend worden gemaakt? *Welke andere wensen liggen er bij de familie? *Eventueel contact opnemen met aan school verbonden geestelijke

  8. Stap 2  :  Informeren van leerkrachten, leerlingen en andere betrokkenen  *Collega’s informeren (liefst als team), overblijf en conciërge *Bestuur informeren *Niet alleen de getroffen groep maar de hele school informeren *Ouders van de leerlingen  *Afwezige leerlingen informeren  *Ouders die hun kind brengen en/of halen informeren *Administratie/ouderraad en anderen die contact zouden kunnen zoeken met de overledene • Stap 3  :  Aangepast rooster  *Geplande activiteit (feesten) uitstellen. *Is er toestemming gevraagd van het bestuur?

  9. Stap 4  :  Het verwerkingsproces op school  * Opvang getroffen groep, neem er de tijd voor *Verwerkingsopdrachten *Emoties bespreken *Plannen uitwerken herdenkingsbijeenkomst/begrafenis/crematie *Kinderen voorbereiden op datgene dat komen gaat *Creëren van een herdenkingsplek/ruimte *Opletten dat leerkrachten die de kinderen opvangen hun eigen emoties kunnen verwerken *Advertentie, bloemen • Stap 5 :  Hulp van buiten af (indien gewenst) *Heeft de school behoefte aan meer begeleiding? *Ouderavond beleggen

  10. Stap 6  :  Terugkijken en evalueren  *Het is belangrijk terug te kijken op de gebeurtenis en de gang van zaken te evalueren. *Evalueren met de betrokken familie *Eventueel deelnemen aan een cursus Verdriet en Rouw

  11. Er bestaan ook foute reacties: • De overledene slaapt voor altijd • God heeft de overledene meegenomen omdat hij zo lief was • De overledene is nu in de hemel • De overledene is weggegaan • De overledene in overleden omdat hij ziek was

  12. Waar moet ik op letten? • Het kind moet van het begin af erbij betrokken zijn • Het kind moet kunnen afscheid nemen van de overledene, hebben nood aan afscheidsritueel. • Blijf in de buurt en steun het kind. Let op! Sommige oudere kinderen willen juist afstand • Geef het kind extra aandacht en warmte, samen praten over wat er gebeurd is. • Laat het kind spelen, het is het meest natuurlijke instrument voor communicatie bij kinderen en de meest veilige manier om zich te uiten. • Kinderen zijn niet in staat om lange tijd en intens met het verdriet bezig te zijn. • Vaak breken de tranen en het verdriet bij een kind pas door als de familie het rouwproces door is. • Verberg uw eigen gevoelens niet! • Geef kinderen de verzekering dat het leven en het gezin verder gaat.

  13. Wat kan je doen in de klas? • Bericht meedelen aan de andere kinderen, de kinderen zitten in de zithoek en er wordt een kaarsje aangestoken. • Via milieuverrijking de gevoelens van de kinderen de vrije loop laten gaan. • Duidelijk maken dat we nog wel aan de overledene kunnen denken, ook al is hij er niet meer, hij blijft een kindje van onze klas. Je kan eventueel een herdenkingshoekje inrichten. • Verschillende stappen van het rouwproces duidelijk maken, eventueel door het boek: ‘Als je dood bent, word je dan nooit meer beter?’ • Pastoor in de klas laten komen en laten vertellen wat er gaat gebeuren tijdens de begrafenis. • De begrafenis bijwonen in de kerk. • Later een bezoekje brengen aan het graf waar dan eventueel werkjes kunnen gelegd worden.

  14. Le livre de la vie est le livre suprême Qu’on ne peut ni fermer, ni rouvrir à son choix; Le passage attachant ne s’y lit deux fois, Mais le feuillet fatal se tourne de lui-même; On voudrait revenier à la page où l’on aime, Et la page où l’on meurt est déjà sous vos doigts. Alphonse de Lamartine (1790-1869)