Bijbellezing johannes 21 15 17
Download
1 / 78

Bijbellezing: Johannes 21:15-17 - PowerPoint PPT Presentation


  • 90 Views
  • Uploaded on

Bijbellezing: Johannes 21:15-17. Matteüs 26:31 Gij zult allen aan Mij aanstoot nemen in deze nacht. Matteüs 26: 33 Al zouden allen aanstoot aan U nemen, ik nooit!. Thomas. Johannes 14 :4 Waar Ik heenga, daarheen weet gij de weg.

loader
I am the owner, or an agent authorized to act on behalf of the owner, of the copyrighted work described.
capcha
Download Presentation

PowerPoint Slideshow about ' Bijbellezing: Johannes 21:15-17' - eze


An Image/Link below is provided (as is) to download presentation

Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author.While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server.


- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - E N D - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Presentation Transcript
Bijbellezing johannes 21 15 17
Bijbellezing: Johannes 21:15-17


Matte s 26 31 gij zult allen aan mij aanstoot nemen in deze nacht
Matteüs 26:31Gij zult allen aan Mij aanstoot nemen in deze nacht.


Matte s 26 33 al zouden allen aanstoot aan u nemen ik nooit
Matteüs 26:33Al zouden allen aanstoot aan U nemen, ik nooit!



Johannes 14 4 waar ik heenga daarheen weet gij de weg
Johannes 14:4 Waar Ik heenga, daarheen weet gij de weg.


Johannes 14 5 here wij weten niet waar gij heengaat hoe weten wij dan de weg
Johannes 14:5 Here, wij weten niet, waar Gij heengaat; hoe weten wij dan de weg?



Johannes 14 8 here toon ons de vader
Johannes 14:8Here, toon ons de Vader



Matte s 16 13 wie zegt gij dat ik ben

Matteüs 16:13Wie zegt gij, dat Ik ben?

Caesarea Filippi


Matte s 16 16 gij zijt de christus de zoon van de levende god

Matteüs 16:16Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God!

Caesarea Filippi


Matteüs 26:33-35Al zouden allen aanstoot aan U nemen, ik nooit! … Zelfs al moest ik met U sterven, ik zal U voorzeker niet verloochenen.



Johannes 18:10Simon Petrus …, die een zwaard had, trok het, en hij trof de slaaf van de hogepriester en sloeg hem het rechteroor af; de naam nu van de slaaf was Malchus.


Marcus 14:54En Petrus volgde Hem van verre tot binnen de hof van de hogepriester en hij zat daar tussen de dienaars, zich warmende bij het vuur.


Matteüs 26:69b-70Petrus zat buiten in de hof en er kwam een slavin naar hem toe, die zeide: Ook gij waart bij Jezus, de Galileeër. Maar hij loochende het ten aanhoren van allen en zeide: Ik weet niet, wat gij zegt.


Matteüs 26:71-72Toen hij naar het portaal ging, zag een andere hem en zij zeide tot hen, die daar waren: Die man was bij Jezus, de Nazoreeër. En wederom loochende hij het met een eed: Ik ken de mens niet.


Matteüs 26:73-74Even later kwamen zij, die daar stonden, naar Petrus toe en zeiden: Waarlijk, ook gij behoort tot hen, want ook uw uitspraak verraadt u. Toen begon hij zich te vervloeken en te zweren: Ik ken de mens niet.


Matteüs 10:32-33Een ieder … die Mij belijden zal voor de mensen, hem zal ook Ik belijden voor mijn Vader, die in de hemelen is; maar al wie Mij verloochenen zal voor de mensen, die zal ook Ik verloochenen voor mijn Vader, die in de hemelen is.


Romeinen 3 10 niemand is rechtvaardig ook niet een
Romeinen 3:10Niemand is rechtvaardig, ook niet een


Romeinen 3 23 want allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid gods
Romeinen 3:23Want allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods


1 Johannes 1:8Indien wij zeggen, dat wij geen zonde hebben, misleiden wij onszelf en de waarheid is in ons niet.


Matteüs 26:75En terstond kraaide een haan. En Petrus herinnerde zich het woord, dat Jezus gesproken had: Eer de haan kraait, zult gij Mij driemaal verloochenen. En hij ging naar buiten en weende bitter.





Johannes 20 27 breng uw vinger hier en zie mijn handen en breng uw hand en steek die in mijn zijde
Johannes 20:27Breng uw vinger hier en zie mijn handen en breng uw hand en steek die in mijn zijde


Marcus 16:7Gaat heen, zegt zijn discipelen en Petrus, dat Hij u voorgaat naar Galilea; daar zult gij Hem zien, gelijk Hij u gezegd heeft.


Johannes 20 19 de deuren gesloten waren uit vrees voor de joden

Johannes 20:19… de deuren gesloten waren uit vrees voor de Joden

De opperkamer


Johannes 20 19 26 vrede zij u
Johannes 20:19,26 Vrede zij u!


Marcus 16:7Gaat heen, zegt zijn discipelen en Petrus, dat Hij u voorgaat naar Galilea; daar zult gij Hem zien, gelijk Hij u gezegd heeft.


Johannes 21 3 ik ga vissen
Johannes 21:3Ik ga vissen


Lucas 5:4,6Ga naar diep water en zet uw netten uit om te vissen. … En toen zij dit gedaan hadden, haalden zij een grote menigte vissen binnen, en hun netten dreigden te scheuren.


Johannes 21 3 ik ga vissen zij zeiden tot hem wij gaan met u mede
Johannes 21:3Ik ga vissen.Zij zeiden tot hem: Wij gaan met u mede.


Johannes 18:15-16Die discipel was een bekende van de hogepriester en hij ging met Jezus het paleis van de hogepriester binnen, maar Petrus stond buiten aan de poort. De andere discipel dan, de bekende van de hogepriester, kwam naar buiten, en hij sprak met de portierster en bracht Petrus binnen.


Matte s 18 15 indien uw broeder zondigt ga heen bestraf hem onder vier ogen
Matteüs 18:15Indien uw broeder zondigt, ga heen, bestraf hem onder vier ogen.


Johannes 21 3 ik ga vissen1
Johannes 21:3Ik ga vissen


Johannes 21:3Ik ga vissen … Wij gaan met u mede. Zij vertrokken en gingen scheep, en in die nacht vingen zij niets.


Johannes 21:5-6Kinderen, hebt gij ook enige toespijs? Zij antwoordden Hem: Neen. Hij nu zeide tot hen: Werpt uw net uit aan de rechterzijde van het schip en gij zult vinden. Zij wierpen het net uit en konden het niet meer trekken vanwege de menigte der vissen.


Johannes 21:7 Die discipel dan, dien Jezus liefhad, zeide tot Petrus: Het is de Here. Simon Petrus dan, toen hij hoorde, dat het de Here was, sloeg zijn opperkleed om, want hij was ongekleed, en wierp zich in zee


Romeinen 14 4 wie zijt gij dat gij eens anders knecht oordeelt
Romeinen 14:4Wie zijt gij, dat gij eens anders knecht oordeelt?


Johannes 8 7 wie van u zonder zonde is werpe het eerst een steen
Johannes 8:7Wie van u zonder zonde is, werpe het eerst een steen


Johannes 21 3 wij gaan met u mede
Johannes 21:3 Wij gaan met u mede.


Galaten 6:1 Broeders, zelfs indien iemand op een overtreding betrapt wordt, helpt gij, die geestelijk zijt, hem terecht in een geest van zachtmoedigheid, ziende op uzelf; gij mocht ook eens in verzoeking komen.


Johannes 21:8-13De andere discipelen kwamen met het schip, … en zij sleepten het net met de vissen. Toen zij dan aan land gekomen waren, zagen zij een kolenvuur liggen en vis daarop en brood. Jezus zeide tot hen: Brengt van de vissen, die gij thans gevangen hebt. Simon Petrus ging aan boord en sleepte het net aan land, vol grote vissen, honderd drieenvijftig … Jezus zeide tot hen: Komt en houdt de maaltijd. … Jezus kwam en Hij nam het brood en gaf het hun en evenzo de vis.


Johannes 21:15Toen zij dan de maaltijd gehouden hadden, zeide Jezus tot Simon Petrus: Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


Matte s 26 74 ik ken de mens niet
Matteüs 26:74Ik ken de mens niet


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


1 Corinthiens 5:5Wij leveren in de naam van de Here Jezus die man aan de satan over tot verderf van zijn vlees, opdat zijn geest behouden worde in de dag des Heren.


2 Corinthiens 2:6-8 Voor zo iemand is het reeds genoeg, dat het merendeel van u hem berispt heeft, zodat gij nu integendeel hem vergiffenis moet schenken en hem vertroosten, opdat hij niet door overmatige droefenis overstelpt worde. Daarom spoor ik u aan te besluiten hem liefde te betonen


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief1
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


Lucas 22:61de Here keerde Zich om en zag Petrus aan. En Petrus herinnerde zich het woord des Heren, hoe Hij tot hem gezegd had: Eer de haan heden kraait, zult gij Mij driemaal verloochenen.


Lucas 22 62 en hij ging naar buiten en weende bitter
Lucas 22:62En hij ging naar buiten en weende bitter.


Jesaja 1:18Komt toch en laat ons tezamen richten, zegt de Here; al waren uw zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw; al waren zij rood als karmozijn, zij zullen worden als witte wol.


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief2
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


1 johannes 4 18 god is liefde
1 Johannes 4:18God is liefde


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief3
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


Lucas 23 34 vader vergeef
Lucas 23:34Vader, vergeef


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief4
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


Psalm 103 12 zover het oosten is van het westen zover doet hij onze overtredingen van ons
Psalm 103:12Zover het oosten is van het westen, zover doet hij onze overtredingen van ons


Hebreeën 10:15,17En ook de Heilige Geest geeft ons daarvan getuigenis … zonden en ongerechtigheden zal Ik niet meer gedenken.


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief5
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


1 petrus 4 8b de liefde bedekt tal van zonden
1 Petrus 4:8bDe liefde bedekt tal van zonden.


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief6
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


Johannes 21 15 ja here gij weet dat ik u liefheb
Johannes 21:15Ja Here, Gij weet, dat ik U liefheb.


Johannes 21 17 hij zeide tot hem weid mijn lammeren
Johannes 21:17Hij zeide tot hem: Weid mijn lammeren.


Romeinen 11 29 want de genadegaven en de roeping gods zijn onberouwelijk
Romeinen 11:29Want de genadegaven en de roeping Gods zijn onberouwelijk.


Matteüs 4:18-19Toen Hij … langs de zee van Galilea ging, zag Hij twee broeders, Simon, die Petrus genoemd wordt, en Andreas, diens broeder, een net in zee werpen; want zij waren vissers. En Hij zeide tot hen: Komt achter Mij en Ik zal u vissers van mensen maken.


Johannes 21 17 hij zeide tot hem weid mijn lammeren1
Johannes 21:17Hij zeide tot hem: Weid mijn lammeren.


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief7
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


1 Petrus 1:22Nu gij uw zielen door gehoorzaamheid aan de waarheid gereinigd hebt tot ongeveinsde broederliefde, hebt dan elkander van harte en bestendig lief


1 Petrus 2:25Want gij waart dwalende als schapen, maar thans hebt gij u bekeerd tot de herder en hoeder van uw zielen.


1 Petrus 3:8-9Wees allen eensgezind, leef met elkaar mee, heb elkaar lief als broeders en zusters, wees barmhartig en bereid de minste te zijn. Vergeld geen kwaad met kwaad, en als u wordt uitgescholden, scheld dan niet terug; zegen juist, opdat u ook zelf zegen ontvangt, want daartoe bent u geroepen.


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief8
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


Johannes 21 17 petrus werd bedroefd dat hij voor de derde maal tot hem zeide hebt gij mij lief
Johannes 21:17Petrus werd bedroefd, dat Hij voor de derde maal tot hem zeide: Hebt gij Mij lief?


Ezechiël 33:11Zo waar Ik leef, luidt het woord van de Here Here, Ik heb geen behagen in de dood van de goddeloze, maar veeleer daarin, dat de goddeloze zich bekeert van zijn weg en leeft. Bekeert u, bekeert u van uw boze wegen.


Ezechiël 18:21-22Wanneer de goddeloze zich bekeert van alle zonden die hij begaan heeft, al mijn inzettingen onderhoudt en naar recht en gerechtigheid handelt, dan zal hij voorzeker leven; hij zal niet sterven. Geen van de overtredingen die hij begaan heeft, zal hem worden toegerekend; om de gerechtigheid die hij betracht heeft, zal hij leven.


Johannes 21 15 simon zoon van johannes hebt gij mij waarlijk lief9
Johannes 21:15Simon, zoon van Johannes, hebt gij Mij waarlijk lief?


ad