Woordenschat les 1 6
This presentation is the property of its rightful owner.
Sponsored Links
1 / 14

Woordenschat les 1.6 PowerPoint PPT Presentation


  • 93 Views
  • Uploaded on
  • Presentation posted in: General

Woordenschat les 1.6. knippen. oefenen. meten. timmeren. d e telefoon. Thema werken De woorden die je vandaag leert:. knutselen. plakken. zagen. h et werktuig. de opdracht. uitvinden. verven. Thema werken: knutselen. Werken op school: de handvaardigheidsles. zagen.

Download Presentation

Woordenschat les 1.6

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation

Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author.While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server.


- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - E N D - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Presentation Transcript


Woordenschat les 1 6

Woordenschat les 1.6

knippen

oefenen

meten

timmeren

de telefoon

Thema werken

De woorden die je vandaag leert:

knutselen

plakken

zagen

het werktuig

de opdracht

uitvinden

verven


Thema werken knutselen

Thema werken: knutselen

Werken op school:

de handvaardigheidsles


Zagen

zagen

Iets met een zaag in stukken delen.


Het werktuig

Het werktuig

Een groot soort gereedschap.

Voorbeelden hiervan zijn: een graafmachine en een zaagmachine.


Oefenen

oefenen

Dit doe je om iets te leren. Je doet de oefening steeds opnieuw.


De telefoon

De telefoon

Een apparaat waarmee je over een afstand met iemand kunt praten.


Knippen

knippen

Met een schaar een snee in iets maken.


Knutselen

knutselen

Voor je plezier handvaardigheid doen. Voor je plezier dingen van papier, hout….enz. maken.


Meten

meten

Met een liniaal of meetlint kijken hoe groot iets is.


De opdracht

De opdracht

Een taak die je hebt gekregen. Deze taak moet je doen.


Plakken

plakken

Iets vastmaken met lijm.


Timmeren

timmeren

Met een hamer en spijkers hout aan elkaar vastmaken.


Verven

verven

Met een kwast en verf iets een andere kleur geven.


Uitvinden

uitvinden

Je komt iets te weten. Je bedenkt iets en maakt het, soms als eerste.


  • Login